Ribollita uit Toscane

Ribollita en ik hebben elkaar nog niet zo heel lang geleden ontmoet: zo rond de feestdagen voor het eerst. Via via zijn we aan elkaar voorgesteld, want zo gaat dat vaak tegenwoordig. De koppelaar in kwestie woont in Italië, kent ribollita al geruime tijd en vond ons wel goed bij elkaar passen. Dat heeft ze inderdaad uitstekend aangevoeld, want ik ben altijd te porren voor een dampende goedgevulde Italiaanse maaltijdsoep.

Hoewel de relatie tussen mij en ribolitta nog erg pril is, wil ik u toch kennis met haar laten maken. Ik heb namelijk al flink van haar mogen snoepen.

Ribollita is een Toscaanse groentesoep en haar naam betekent letterlijk 'opnieuw gekookt'. Die titel komt van vroeger, want oorspronkelijk is ze een ordinaire kliekjessoep. Het is in principe niet nodig om de soep twee keer te koken, maar zoals met zoveel Italiaanse gerechten wordt ook deze lekkerder als alle ingrediënten een nachtje hebben kunnen rusten.

Ribollita is vooral binnen haar eigen landsgrenzen erg populair, maar met de juiste ingrediënten staat ze ook hier in de Lage Landen binnen een handomdraai op tafel. De echte Italiaanse wordt gemaakt met cavolo nero, een zwarte kool, maar die is helaas niet overal te koop. Wel op de boerenmarkt en bij sommige groenteboeren, maar wie het niet al te ingewikkeld wil maken, kan ook onze eigen Hollandse boerenkool gebruiken.

Was de cavolo nero, snijd de bladeren fijn en kook zo’n vijf minuten. Giet de kool af en houd apart. Snijd vervolgens de knoflook, ui, wortel, venkel en selderij in grote stukken. Verhit een scheutje olijfolie in een diepe pan met dikke bodem en fruit eerst de ui en vervolgens de rest van de gesneden groenten. Strooi er een snuf chilipoeder en naar smaak peper en zout overheen.

Doe hier na een paar minuten de tomaten uit blik bij en maak ze met een pollepel een beetje kapot. Schep goed door elkaar en voeg de uitgelekte bonen en de groentebouillon toe. Breng het geheel aan de kook en zet het vuur laag. Doe de kool erbij en laat met de deksel op de pan een uurtje staan.

Laat daarna afkoelen en maak de soep de volgende dag langzaam warm. Als u besluit de soep direct op te eten, is het nu tijd om de boterhammen te roosteren en in een soepbord te leggen. Roer een beetje olijfolie door de ribollita en giet over het brood.

Maak het af met een paar snippers Parmezaanse kaas.