En de Oscar zal gaan naar...

... een ronduit nostalgische film. Een van de vele.

Filmrecensent

De Oscaruitreiking op 26 februari aanstaande belooft met 3D-kinderboekverfilming Hugo (elf Academy Awards-nominaties) en The Artist (die al een Golden Globe in de wacht sleepte) zo nadrukkelijk een nostalgisch lesje filmgeschiedenis te worden, dat het de drie andere grote kanshebbers, baseballfilm Moneyball (zes nominaties), oorlogsepos War Horse (zes) en midlifecrisisdrama The Descendants (vijf) enigszins in de schaduw stelt. Nooit eerder namen twee gelijksoortige films het met zulke recordaantallen nominaties tegen elkaar op. Het lijkt wel alsof Hollywood in tijden van crisis terugverlangt naar de gouden tijden van weleer. Zowel The Artist als Hugo speelt zich af in het interbellum op een keerpunt in de filmgeschiedenis en beide films zijn onomwonden nostalgisch. Het in Los Angeles opgenomen The Artist is een stille film Hollywoodstijl over de opkomst van de geluidsfilm. In Hugo werd juist van de nieuwste 3D-technieken gebruikgemaakt om de link tussen verbeelding en techniek bij filmpionier Méliès te leggen. Toch is het nog maar de vraag of Scorsese ook met alle prijzen naar huis zal gaan. Volgens Hollywoodwatchers zijn The Artist en The Descendants veruit favoriet bij de wedkantoren.

Negen films werden in totaal genomineerd voor Beste Film (zie hierboven). Het grote aantal kanshebbers is het gevolg van nieuwe reglementen bij de Academy die in 2010 al het aantal nominaties van vijf naar tien optrok om daarmee ook populaire genrefilms en op een jeugdige doelgroep mikkende films in de jaarlijkse prijzendans te betrekken. Het was een van de pogingen om de al jaren met dalende kijkcijfers kampende Oscarshow te verjongen.

Dat zal dit jaar niet lukken. Niet alleen door de terugkeer van veteraan Billy Crystal als presentator, maar vooral niet omdat de nominaties zo nadrukkelijk ‘volwassen films’ belonen. Ook de mannelijke hoofdrollen gaan uitdrukkelijk over de problemen van mannen op middelbare leeftijd. Van de midlifecrisis in The Descendants (George Clooney), de sukkelende baseballcoach in Moneyball (Brad Pitt), een gepensioneerde spion in Tinker Tailor Soldier Spy (Gary Oldman) tot het vader-zoon immigrantendrama A Better Life (outsider Demián Bichir). Alom wordt aangenomen dat de strijd zal gaan tussen Clooney, die bij de Golden Globes won, en Dujardin, die in Cannes de acteerprijs kreeg.

Bij de vrouwen is Meryl Streep voor haar transformatie in de demente Margaret Thatcher in The Iron Lady de onbetwiste favoriet. Er zijn door de genomineerde vrouwen sowieso flink wat gedaanteverwisselingen ondergaan. Glenn Close veranderde voor Albert Nobbs in een man, Michelle Williams in My Week with Marilyn in Marilyn Monroe en football-erfgename Rooney Mara in de gothic hacker Lisbeth Salander in de Amerikaanse remake van The Girl with the Dragon Tattoo. Alleen Viola Davis bleef min of meer naturel voor haar rol van dienstmeisje in het racistische zuiden van de VS in de jaren zestig in The Help.

Opvallende afwezigen zijn er ook: de 3D-Kuifjefilm The Adventures of Tintin ontbrak in het animatielijstje, en vernieuwende, risicovolle en door de kritiek getipte producties als Drive en Shame, het seksverslavingsdrama van Steve McQueen, konden ook niet op nominaties rekenen.