De saus die nooit meer opgaat

‘Ik zal u gaarne missen / verlaat mij dus maar nu. En niets geen compromissen / de kinderen zijn voor u.’ Het is de laatste strofe uit het gedichtenbundeltje dat Wim Helsen voorleest in zijn show Heden Soup. Ging het maar zo makkelijk, het zou een hoop rechtszaken en jeugdtrauma’s schelen. De kinderen, de hond,

‘Ik zal u gaarne missen / verlaat mij dus maar nu. En niets geen compromissen / de kinderen zijn voor u.’ Het is de laatste strofe uit het gedichtenbundeltje dat Wim Helsen voorleest in zijn show Heden Soup. Ging het maar zo makkelijk, het zou een hoop rechtszaken en jeugdtrauma’s schelen.

De kinderen, de hond, de auto, de flatscreen. Cd van jou, cd van mij. Sinds kort staat er nog iets op het lijstje om ruzie over te maken bij een scheiding: de voogdij over de meestersaus.

Meestersaus is een Chinese marinade, gebaseerd op sojasaus en rijstwijn, waarin voedsel langzaam gesmoord of gepocheerd wordt. De meestersaus wordt nooit weggegooid. Iedere keer voor gebruik wordt de saus weer goed doorgekookt. Iedere keer dat je er iets in klaarmaakt, verrijk je de smaak van de meestersaus. Af en toe vul je de saus aan met wat nieuwe ingrediënten. In de loop der jaren creëer je een uniek, verfijnd meesterwerk.

‘Onze meestersaus woog na 24 weken al tweeënhalve pond. Morgen wordt-ie twee, hij heeft al echt een eigen karaktertje.’

Voor meestersaus bestaan net zo veel recepten als er Chinese moeders zijn. Op internet vind je er al tientallen. Er wordt ook druk gediscussieerd op blogs en fora over welke ingrediënten een meestersaus verrijken en welke de boel eventueel verpesten (organen en zeevruchten zijn lastig, men raadt aan het in eerste instantie bij varken, kip, rund en tofu te houden).

Op die fora vind je ook de schrijnende verhalen. Over de schaamte van het morsen van generaties oude meestersaus, overgegeven van vader op zoon. Of het verhaal van een New Yorker die in 2005 de voogdij over zijn meestersaus kwijtraakte. Zijn vrouw zette hem het huis uit, het was onpraktisch om direct met de saus onder zijn arm te vertrekken. Nu vermoedt hij dat zijn saus ergens in de Hudson drijft.

Hieronder een basisrecept. Het leverde direct de eerste keer al een verdomd lekker kippetje op. Doe alle ingrediënten behalve de kip in een pan. Breng aan de kook. Draai het vuur zacht en pocheer de kip eerst twintig minuten met de borst naar beneden en vervolgens tien minuten met de rug naar beneden.

Laat de kip in de meestersaus afkoelen. Dat duurt lang, hou daar rekening mee. Laat de kip goed uitlekken en bak die in een kwartiertje bruin en knapperig in een voorverwarmde oven op 220 graden Celsius. Serveer de kip met rijst en een lekkere paksoisalade. Je kunt een kleine soeplepel van de meestersaus inkoken met een halve theelepel maïzena om over de kip te serveren. Maar gebruik niet te veel, de meestersaus moet nog langer mee. Zeef de rest van de saus en vries die in voor een volgend gebruik.

En ga nooit met ruzie uit elkaar als je meestersaus je lief is.

Meestersaus

Voor 2 personen:

kippetje van ca. 800 g

0,5 l water

250 ml sojasaus

250 ml rijstwijn

100 g bruine suiker

6 cm gember, geschild in plakken

3 tenen knoflook, doormidden

1 kaneelstokje

2 stuks steranijs

flinke tl szechuanpeperkorrels

stukje sinaasappelschil

halve tl sesamolie