cao

Na stakingen in de herfst werd het overleg over een nieuwe cao voor ambtenaren bij gemeenten hervat. Komen ze er nu uit? Twee hoofdrolspelers over de achterkant van het cao-overleg.

Glazenwassers, visverkopers, crècheleidsters en politieagenten. Ze werken sinds 1 januari allemaal met een verlopen cao, omdat de onderhandelingen tussen vakbonden en werkgevers zich voortslepen.

Kappers, juweliers en medewerkers van tuincentra en sociale werkplaatsen wachten sinds vorig jaar al op een nieuwe cao. In totaal gaat het om ruim 1,5 miljoen werkenden, volgens cijfers die werkgeversorganisatie AWVN vandaag presenteert.

Genoemde oorzaken: de crisis, het pensioenakkoord dat nog uitgewerkt moet worden en de overheidsbezuinigingen.

De grootste groep met een verlopen cao vormen de 188.000 gemeentelijke ambtenaren (gevolgd door de 120.000 Rijksambtenaren), van brandweermannen tot beleidsmedewerkers.

Na stakingen in de herfst hervatten de vakbonden en de gemeenten het cao-overleg in december. Volgende week, op 1 februari, willen de vakbonden het nog „één keer” proberen. Is er dan geen overeenkomst op de hoofdpunten, dan stopt het overleg weer.

Het gaat om veel geld. In 2010 verdiende een medewerker bij een gemeente gemiddeld 2.901 euro bruto per maand. Dat bedrag keer 13 (12 maanden plus vakantiegeld) en keer 188.000 geeft een indicatie van het volume op jaarbasis (ruim 7 miljard euro, exclusief werkgeverslasten), waarover het in het cao-overleg gaat.

Bert de Haas van Abvakabo FNV is „heel somber” over de uitkomst, Sietske Pijpstra van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is voorzichtig en spreekt liever „geen verwachtingen” uit. Twee onderhandelaars praten over de achterkant van het cao-overleg.

Eppo König