Bloedtest kan ziekte alzheimer aantonen

Een nieuwe bloedtest moet de ziekte van Alzheimer al vroeg kunnen opsporen. Dat schrijven Spaanse artsen deze week online in het wetenschappelijke blad Analytical & Bioanalytical Chemistry. De Spaanse onderzoekers onder leiding van Pedro Carmona van het Instituto de Estructura de la Materia in Madrid ontwikkelden een relatief eenvoudige en goedkope test waarbij het verschil in fluorescentie van witte bloedcellen kan aantonen of iemand alzheimer heeft. De test is gebaseerd op de aanwezigheid van het zogeheten bèta-amyloïde in lymfocyten en monocyten (witte bloedcellen). Het eiwit bèta-amyloïde stapelt zich bij alzheimerpatiënten in de hersenen en vormen daar zogeheten seniele plaques. Die hangen samen met de symptomen van vergeetachtigheid.

Een van de theorieën over het ontstaan van alzheimer is dat de ziekte begint met oxidatieve stress. Deze treedt niet alleen op in de hersenen, en zou daarom ook zichtbaar moeten zijn in de bloedcellen. Verschillende chemische moleculen hebben verschillende fluorescentie-eigenschappen. Bèta-amyloïde, en ook zogeheten carbonylverbindingen (een dubbele binding tussen koolstof en zuurstof) die ontstaan door de oxidatieve stress, zijn zo te detecteren.

De Spanjaarden vergeleken bloed van 50 alzheimerpatiënten met bloed van 20 gezonde vrijwilligers. Onder de fluorescentiemicroscoop konden zij niet alleen betrouwbaar de bloedmonsters van patiënten eruit pikken (90 procent), maar ook de ernst van de ziekte vaststellen (met een betrouwbaarheid van 90,5 procent).

Als de test goed gevalideerd wordt bij een grotere groep patiënten, zou het de ruggenprik overbodig maken die nu nog nodig is voor een betrouwbare diagnose, schrijven de onderzoekers.