Mogelijk nieuwe financiële tegenvaller hogesnelheidslijn

Een proefrit van de hsl op het traject Amsterdam-Rotterdam. Foto NRC / Maurice Boyer

De hogesnelheidslijn blijft voor financiële problemen zorgen. Minister van Infrastructuur Melanie Schultz van Haegen (VVD) krijgt mogelijk te maken met een aanvullende tegenvaller van 166 miljoen euro.

Een woordvoerder van Schultz bevestigde vanavond tegenover persbureau Novum berichtgeving hierover in De Telegraaf. De tegenvaller wordt veroorzaakt doordat het ministerie van Financiën mogelijk minder inkomsten krijgt van de NS, waarvan de staat de enige aandeelhouder is. Het spoorbedrijf heeft diep in de buidel moeten tasten om vanaf 2015 over het snelle spoor naar België te mogen rijden. NS-directeur Bert Meerstadt sprak eerder van “stevige offers”.

Daarom is er een voorziening getroffen van 166 miljoen voor de “financiële schade waarmee het ministerie van Financiën als aandeelhouder van de NS wordt geconfronteerd als gevolg van de bijdrage van de NS aan de HSA-problematiek”, stelt Schultz. Dat bedrag komt voor haar rekening. Schultz’ woordvoerder benadrukt dat het nog maar de vraag is of dit bedrag ook moet worden aangesproken.

NS kreeg in november het recht om hsl uit te baten

Schultz maakte eind november bekend dat de NS het recht krijgt om de hsl uit te baten. Hiermee werd een bankroet van HSA afgewend, het consortium van de NS en KLM dat de lijn nu exploiteert. Dat faillissement zou de bewindsvrouw 2,4 miljard euro hebben gekost.

Nu werden de verliezen voor haar begroting beperkt tot 390 miljoen. Financiën droeg daarbij al tweehonderd miljoen euro bij. Ook werd alvast vierhonderd miljoen euro aan toekomstige inkomsten ingeboekt. Daarop concludeerde D66-Kamerlid Kees Verhoeven dat de hsl-deal de staat in totaal een miljard euro heeft gekost. Tijdens de behandeling van haar begroting verweet Verhoeven de minster dat zij een te rooskleurig beeld schetste van de kosten die met de deal waren gemoeid.