Luister naar je oma en kies een echte studie

Jongeren moeten beter naar hun oma luisteren en niet kiezen voor modieuze studies waar je helemaal niets mee kan.

Het gelijk wordt vaak bij generatiegenoten gezocht. Jongeren, en zeker jongeren die voor een moeilijke beslissing als studiekeuze staan, zijn hierop geen uitzondering. Hoe vaak wordt de vraag ‘wat kun je er eigenlijk mee’ van oma niet afgedaan als gezeur? Vrienden snappen tenminste dat dit het minst belangrijke argument is. Het studentenleven gecombineerd met een leuke, niet al te moeilijke studie, dat is waar het om draait.

Universiteiten en hogescholen spelen in op de keuzemotieven van jongeren. Ze grossieren in coole opleidingen als Lifestyle Informatics en Future Planet Studies, en majors als Companion Animal Management. Zes jaar terug kwam er onverwacht hard commentaar uit de eigen hoek: de president van de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen himself. Hij stelde terecht dat het aanbod aan bachelors en masters in het Nederlandse hoger onderwijs steeds meer op de menukaart van een slechte chinees gaat lijken. Helaas is er nog weinig veranderd.

Ook de in 2009 ingestelde drempel Commissie Doelmatigheid Hoger Onderwijs heeft maar beperkt effect. Respectievelijk 60 en 40 procent van de aanvragen voor nieuwe opleidingen werd goedgekeurd door de Commissie in 2010 en 2011. Jongeren kunnen, ieder jaar weer, kiezen voor de ‘verrassing van de chef’.

Universiteiten kunnen ook niet anders dan hieraan meedoen. Studies worden door het ministerie van OCW voor een belangrijk deel gefinancierd op basis van het aantal studenten dat instroomt en het aantal diploma’s. De kwaliteit van die diploma’s en een succesvolle uitstroom (een snelle overstap naar de arbeidsmarkt) worden hierin niet meegenomen. Onderwijsinstellingen hebben dus baat bij opleidingen met louter een aantrekkelijke naam.

En waar heeft dit financieringsstelsel met perverse prikkels ons gebracht? Een onevenwichtige situatie waarbij veel jongeren kiezen voor een studie met een marginaal toekomstperspectief, terwijl vacatures in de techniek onvervuld blijven. En dus ook in de door het kabinet benoemde topsectoren, zoals Energie, Logistiek en Water.

Werkgevers staan inmiddels niet stil. In samenspraak met opleidingsinstituten worden studies opgezet waarbij rekening wordt gehouden met de wensen van werkgevers. Zo werken NLingenieurs, ProRail en Bouwend Nederland samen met de Hogeschool Utrecht om een minor Railtechniek op te zetten. Afstudeerders van deze opleiding zijn vrijwel meteen inzetbaar in de spoorsector. Een dergelijke uitdagende baan is wel zo’n prettig vooruitzicht voor de student, de werkgever en de B.V. Nederland.

Inmiddels bedraagt de huidige jeugdwerkloosheid in Nederland zo’n 10 procent, volgens het CBS. De crisis bewijst dat oma gelijk heeft. Een zorgvuldige afweging ‘wat je ermee kunt’ vergroot de kansen op een latere baan. Niet onbelangrijk als het economisch gezien wat minder gaat.

Zolang het huidige financieringsstelsel van het hoger onderwijs niet op de kop gaat, hoop ik dat jongeren beter naar hun oma gaan luisteren.... Na een leuke studie een leuke baan; ik kan het iedereen aanraden!

Joost Hulsbos

Voorzitter jongNLingenieurs – netwerk voor young professionals bij advies- en ingenieursbureaus