Lalo in Almelo brengt verlichting

Een goederentrein brengt vanaf morgen verlichting voor de bedrijven die last hebben van het geblokkeerde Twentekanaal. Kon dat niet sneller worden geregeld?

Morgenvroeg, om zeven uur ’s ochtends, zal de eerste goederentrein het spooremplacement in Almelo binnen rollen. En voor Twentse bedrijven als AkzoNobel, Vredestein of Grolsch komt die trein geen dag te vroeg.

Al drie lange weken is het Twentekanaal geblokkeerd door een kapotte sluis bij het plaatsje Eefde. Door de stremming kunnen binnenvaartschepen niet naar Hengelo varen en kan de Combi Terminal Twente niet worden bevoorraad. De economische schade voor de bedrijven in de regio bedraagt tonnen per dag.

Vanaf morgen is er enige verlichting, in de vorm van een dagelijkse goederentrein van zo’n 600 meter lengte. Mark Remie, directeur van railvervoerder Raillogix, schat dat het spoorvervoer zo’n 30 procent van de weggevallen binnenvaart kan compenseren. „Het scheelt in elk geval een hele hap”.

In de nacht van 2 op 3 januari stortte de enorme sluisdeur van Eefde plotseling naar beneden. Twee dagen later werd Remie gevraagd of hij zo snel mogelijk een treindienst kon opzetten als alternatief voor de binnenvaart. Voor Raillogix is dat geen probleem: het bedrijf uit Rotterdam is gespecialiseerd in het ‘charteren’ van spoorvervoer. De vraag was waar de trein naartoe zou moeten. Het emplacement bij het Station van Hengelo is te klein. De faciliteiten in het nabijgelegen Almelo zijn wel groot genoeg, maar om daar te kunnen lossen was een vergunning van de gemeente nodig. Die vergunning liet echter op zich wachten. Raillogix vervoerde de containers uit de Rotterdamse haven daarom naar Coevorden, waarna ze naar Hengelo gingen: 60 kilometer over de weg naar het zuiden.

Terwijl premier Rutte persoonlijk de schade kwam opnemen bij de Terminal in Hengelo, oefenden Kamerleden druk uit op de gemeente Almelo. Maar het college van B en W wilde zeker weten dat alles juridisch goed geregeld was, vertelt wethouder Johan Andela (Milieu, VVD). „Als we het gewoon door de vingers hadden gezien, dan had de eerste de beste burger die bezwaar had aangetekend bij de rechter, de boel voor maanden stil kunnen leggen.”

Volgens Andela heeft de gemeente er hard aan gewerkt om zo snel mogelijk een zogeheten ‘gedoogbeschikking’ af te geven. De gemiddelde doorlooptijd hiervoor bedraagt vier weken. Almelo deed het in drie. „We hebben er ambtenaren voor vrijgemaakt.” De gemeente heeft een route aangewezen die de vrachtwagens moeten rijden. „We willen geen vrachtwagens met containers in de woonwijken”, zegt de wethouder.

Vanaf morgen kan er dus worden gelost op de laad- en losplaats (‘lalo’) bij station Almelo. Het emplacement was al een tijdje niet meer in gebruik. De afgelopen weken heeft spoorbeheerder ProRail het wat verwaarloosde terrein weer toegankelijk gemaakt voor vrachtverkeer. Een grote kraan van de Combi Terminal Twente gaat de containers op de trucks zetten. De ‘lalo’ in Almelo zal operationeel blijven totdat het Twentekanaal weer bevaarbaar is, wat misschien nog lang kan duren.

Gemeente en bedrijfsleven zijn tevreden over de oplossing. Maar de vraag is of het niet sneller had gekund. Wethouder Andela vindt van niet: „Je moet je als wethouder aan de wet houden. Dit is Nederland.” Maar Ad Toet, directeur van vervoerdersorganisatie KNV, vindt dat de wet maar eens tegen het licht moet worden gehouden. „Bij noodsituaties moet je dit soort dingen binnen een paar dagen kunnen doen.”