Jeugd Spelen, dat is wel iets voor ons

Rotterdam wil de Jeugd Spelen wel organiseren. Voor een klein land een goed alternatief voor de echte Spelen, vindt IOC-baas Rogge

Sportredacteur

Innsbruck. Sinds Jacques Rogge voorzitter van het Internationaal Olympisch Comité (IOC) is, straalt hij vooral ernst uit. Maar bij de Jeugd Olympisch Winterspelen in Innsbruck, die zondag werden afgesloten, was hij voor zijn doen ontspannen. De 69-jarige Belg genoot van het evenement waarvan hij geestelijk vader is. Met een knipoog naar Nederland: „Jeugd Olympische Spelen zijn een mooi alternatief voor Olympische Spelen in middelgrote en kleine landen.”

Bedoelt hij daarmee dat Nederland beter een gooi kan doen naar de Jeugd Spelen dan naar de ‘grote’ Spelen in 2028? Nee, dat wilde Rogge niet beamen. Daarvoor is het onderwerp te gevoelig. Rogge zei het Olympisch Plan 2028 in Nederland te kennen, maar dat los te zien van het voornemen om Rotterdam kandidaat te stellen voor de Jeugd Olympische Zomerspelen van 2018 of 2022. Om er diplomatiek aan toe te voegen: „Een Rotterdams bid doet een kandidatuur voor 2028 geen kwaad.”

Met zijn opmerking over ‘middelgrote en kleine landen’ gaf Rogge indirect toe dat de Olympische Spelen de laatste decennia het exclusieve domein zijn geworden van grote landen. Het rijtje steden waar sinds 1980 Zomerspelen zijn of worden gehouden is veelzeggend: Moskou, Los Angeles, Seoul, Barcelona, Atlanta, Sydney, Athene, Peking, Londen en Rio. Uitzondering is Athene. Die stad kreeg de Spelen als goedmaker voor het mislopen van de Centennial Games in 1996. Onlangs verklaarde Rogge dat de Grieken de Spelen van 2004 te duur hebben gemaakt.

Maar bij de Jeugd Olympische Spelen in Innsbruck – de eerste Winterspelen voor sporters tussen de veertien en achttien jaar – waren vorige week vooral enthousiaste verhalen op te tekenen. Ze zijn compact, los, sfeervol en met een budget van 24,7 miljoen euro financieel beheersbaar. En de jonge sporters hadden het in alle opzichten erg naar hun zin.

Bij de Jeugd Olympische Spelen, waarvan Singapore met de Zomerspelen in 2010 de primeur beleefde, was een minder gestresste sfeer dan bij de normale Spelen. Presteren was niet het belangrijkste. De deelnemers kregen ook culturele en educatieve programma’s aangeboden. Er werd geëxperimenteerd met gemengde teams, zoals bij curling. En bij shorttrack werd in ploegen met diverse nationaliteiten gestreden.

Allemaal experimenten die mogelijk een vervolg krijgen op de Olympische Spelen, vertelde Rogge zondag. De IOC-voorzitter gaat nog voor zijn vertrek in september 2013 werk maken van de introductie van culturele en educatieve programma’s op de Spelen. „Omdat het belangrijk is dat sporters na hun carrière een sociaal en maatschappelijk bestaan kunnen opbouwen. De programma’s moeten aansluiten bij de leeftijdscategorieën, maar na onze goede ervaringen bij twee Jeugd Spelen hoop ik dat het lukt bij de Spelen van 2016 in Rio.”

Na twee geslaagde edities ziet Rogge de Jeugd Spelen niet meer als een experiment. Het wordt een vast onderdeel van het olympische programma. „Omdat de aanloop naar Olympische Spelen voor velen erg lang is. Gemiddeld doen sporters op hun 23ste voor het eerst mee, terwijl velen vanaf hun vijftiende al aan internationale competities deelnemen. Dit is een mooie voorbereiding op de Spelen.”

Waar de Olympische Spelen winstgevend zijn, kosten de Jeugd Spelen geld. In Innsbruck werd voor 6 miljoen euro bijgedragen aan de organisatiekosten. Daarnaast nam het IOC alle reis- en verblijfkosten voor zijn rekening. In totaal betaalde het IOC volgens Rogge zo’n 15 miljoen euro. Er is volgens de voorzitter geen kostendekkend businessmodel te bedenken. „Desondanks gaan we ermee door. Het heeft bestaansrecht.”