Banken willen meedoen maar niet te veel betalen

Voorzitter Charles Dallara van het IIF onderhandelt over het kwijtschelden van Griekse schuld. ‘Iedereen wil meepraten.’

De rijkste topmannen van de grootste banken zijn in Davos. Maar de belangrijkste man van de financiële wereld van dit moment verschijnt niet op het World Economic Forum. Charles Dallara, voorzitter van bankenlobbyclub Institute of International Finance, heeft geen tijd.

In plaats van in Davos vrijblijvend te discussiëren (‘grote banken – vloek of zegen’, met topman Cohen van Goldman Sachs als panellid) moet Dallara zorgen dat Griekenland niet failliet gaat en zo een financiële crisis ontketent die mogelijk de ondergang van de euro betekent. Zo kwalificeert hij zelf de inzet.

Dallara vertegenwoordigt, samen met Jean Lemierre van BNP Paribas, de banken in de onderhandelingen met de Griekse overheid over een kwijtschelding van de schuld. Hun opdracht is razend ingewikkeld. De private sector (banken, verzekeraars en opkoopfondsen) bezitten 200 miljard van de 350 miljard euro aan Griekse schuld. De Griekse regering moet, zoals afgesproken op de eurotop van 27 oktober, onderhandelen met Lemierre en Dallara om te zorgen dat de banken bereid zijn de helft van de schuld kwijt te schelden.

Gisteren praatte Dallara in Zürich de pers bij over de onderhandelingen. Dallara: „Het is complex. De Grieken doen er alles aan doen om dit rond te krijgen. Maar de zestien overige eurolanden zijn ook betrokken, net als het IMF, de Europese Centrale Bank en de Commissie. Soms is het onduidelijk wie de tegenpartij is. Dat maakt het moeilijk.”

Dallara doelt op de blokkade die de ministers van Financiën van de eurozone maandag opwierpen door het laatste voorstel van de banken als onvoldoende te bestempelen. Om de Griekse schuld te verlagen zullen de huidige obligaties worden geruild voor nieuwe obligaties, met een lagere waarde en een langere looptijd. In ruil voor de schuldsanering willen de banken een rentevergoeding. De ministers van Financiën zeiden maandag dat de rente op de obligaties maximaal 3,5 procent mag bedragen.

De banken vinden de eis oneerlijk, aldus Dallara. „Ons voorstel is compleet in lijn met de afspraken die gemaakt zijn op de top van 27 oktober. Wij roepen iedereen op om die afspraken te honoreren.” De Amerikaanse directeur van het IIF benadrukte dat eenderde van de Griekse schuld bij het IMF en centrale banken op de boeken staat. Die publieke instellingen schelden geen schuld kwijt. Toch staat de ECB onder druk de portefeuille Griekse staatsobligaties (circa 40 miljard euro) af te waarderen. Sommige ECB-bestuurders, zoals Klaas Knot van De Nederlandsche Bank, vinden dat kwijtschelding gelijk staat aan het financieren van staatsschulden. Dat is verboden.

Vandaag vergadert Dallara in Parijs met de belangrijkste crediteuren hoe nu verder te gaan. Niet tot een akkoord komen is geen optie. De Griekse regering heeft gedreigd obligatiehouders te onteigenen als er geen vrijwillig akkoord komt. Dat kan desastreus zijn voor Griekenland en Europa, vindt hij. „Het verbaast mij iedere keer snel angst greep krijgt op financiële markten. Ieder land in Europa is afhankelijk van succesvolle veilingen op de kapitaalmarkt om schuld te financieren.”

De onderhandelaars hebben haast. Zonder een akkoord over de schuldsanering, ontvangt Griekenland geen nieuw noodgeld, terwijl het land in maart genoeg cashmoet hebben om een obligatieaflossing te betalen. „Drie dagen, 72 uur, twintig minuten”, zei Dallara toen gevraagd werd hoeveel tijd er nog is. „Nee, ik durf het niet te zeggen. Als er een akkoord is, zijn er details waar advocaten en fiscalisten naar moeten kijken. Dit is een zeer complexe schuldruil. Dat vergt tijd.”

Daar komt nog bij dat gesprekken niet voorbij zijn als Dallara en Lemierre een akkoord hebben met de Grieken, en de zeventien eurozoneleden, de ECB, het IMF en de Commissie hun goedkeuring verlenen. Dan is het aan de banken, pensioenfondsen en hedgefondsen die de obligaties bezitten om in te stemmen en hun oude obligaties te ruilen voor nieuwe. De vrees is dat vooral speculatieve opkoopfondsen niet bereid zullen zijn mee te werken. Zij bezitten ook kredietverzekeringen die uitbetalen als Griekenland failliet gaat en kunnen dus profiteren als het akkoord stukloopt. Daar wilde Dallara niet op vooruitlopen. „Ik ga ervan uit dat de participatie groot is als wij een goed akkoord presenteren.”

Na een uur praten heeft de Amerikaan het gehad. Hij is moe, afwezig en oogt grauw. Met hangende schouders zit hij achter een tafel van verzekeraar Swiss Re. Fysiek mag hij wel aan de Mythenquai zijn, met uitzicht over de Zürichsee en de besneeuwde Alpen, mentaal lijkt hij in het Maximos Mansion in Athene. Daar, achter het hek en de sinaasappelbomen, zetelt de Griekse premier Papademos. Daar moet Dallara rap een deal bereiken, met de Grieken en met de eurozone. Anders wordt de crisis snel nog erger.