Wethouder Apeldoorn weg na grondaffaire

Wethouder Rob Metz (VVD) zal, na een debat in de gemeenteraad van Apeldoorn, aftreden. Hij zegt daarmee zijn bestuurlijke verantwoordelijkheid te nemen voor de chaos bij het gemeentelijk grondbedrijf.

Het stadsbestuur heeft het grondbedrijf jarenlang als melkkoe gebruikt. In het slechtste geval moet er de komende jaren 200 miljoen euro worden afgeboekt, zo concludeerde een enquêtecommissie uit de gemeenteraad vorige week.

De affaire in Apeldoorn staat niet op zichzelf. Nederlandse gemeenten lijden gezamenlijk zo’n 3,2 miljard euro verlies door tekorten bij hun grondbedrijven. Gemeenten hebben jarenlang grond gekocht in de veronderstelling dat die bebouwd zou worden. Maar de vraag naar bouwlocaties en industrieterreinen zakte mede door de crisis in. Ook Apeldoorn rekende zich rijk aan bouwgrond die onverkoopbaar bleek. Metz was tot april 2010 wethouder grondzaken en direct politiek verantwoordelijk.

Het stadsbestuur negeerde waarschuwingen van ambtenaren en had de gemeenteraad onvoldoende en onjuist geïnformeerd over de malaise, zo concludeerde de enquêtecommissie.

Metz zegt kanttekeningen te plaatsen bij de conclusies uit het rapport. „Er is voldoende dat ik onderschrijf en herken, maar ten minste zoveel waarbij iedere nuance, context of realiteit ontbreekt. Hierdoor worden mij typeringen en verantwoordelijkheden toegedicht die even onjuist, ingrijpend als beschadigend zijn.”

Volgens Rob Metz is zijn aftreden een eerste stap in veranderingen in Apeldoorn. „Laat niemand de illusie hebben dat met mijn vertrek het per heden anders en beter is. Het rapport laat zien hoe ernstig de problemen zijn, hoeveel er mis is. Politiek en ambtelijk.”