Verder rechercheren naar de waarheid achter 16,8 mld

ABN Amro en Fortis werden in 2008 van de wisse dood gered. Een noodzakelijke, maar vooral dure operatie. De enquêtecommissie vervolgt morgen haar speurwerk naar deze overname door de staat.

Een lijk zullen ze niet vinden, maar de speurtocht van de parlementaire enquêtecommissie Financieel Stelsel krijgt deze week het karakter van authentiek recherchewerk. Woensdag en vrijdag worden acht mensen verhoord, waarbij één onderwerp centraal staat: de prijs die de Nederlandse staat eind 2008 heeft betaald voor ABN Amro en het Nederlandse deel van Fortis. Wie wist wat op welk moment? En wat is er vervolgens met die informatie gedaan?

De commissie onder leiding van SP’er Jan de Wit heeft het afgelopen najaar in vijf weken 46 mensen verhoord die een rol hebben gespeeld in de bankencrisis drie jaar geleden. Maar ondanks de 200 meter documentatie die is doorgenomen en ondanks 93 uur aan openbare verhoren, bleven er onduidelijkheden bestaan over de overnameprijs van Fortis en ABN Amro. Is er op 3 oktober 2008 niet veel te veel betaald?

Nee, zei oud-minister Wouter Bos, toen hem die vraag tijdens een eerder verhoor werd voorgehouden. De twee in problemen verkerende banken kostten Nederland 16,8 miljard, maar dat bedrag liep door allerlei bijstortingen uiteindelijk op tot maar liefst 30 miljard. Toch was Bos zeker van zijn zaak. Het alternatief was immers dat het Nederlandse financiële systeem met het instorten van met name ABN Amro de economie immense schade zou aanbrengen. „De schade die dat veroorzaakt zou hebben aan de Nederlandse economie, zou vele, vele malen groter zijn geweest dan 16,8 miljard.” Maar, zo geeft ook Bos toe, de onderhandelaars probeerden „met wat je betaalt zo dicht mogelijk te blijven bij de reële waarde”. En het is de vraag of dat is gelukt.

Belangrijker dan die 16,8 miljard euro waren de betalingen daarna. „Een onaangename verrassing”, noemde topambtenaar Kajsa Ollongren die. Ook oud-premier Jan Peter Balkenende (die de onderhandelingen afrondde) en topambtenaren Ronald Gerritse en Erik Wilders (beiden Financiën destijds) wisten tijdens de onderhandelingen met de Belgen niets van mogelijke navorderingen.

Maar was het voor iedereen een verrassing, zo vroeg de enquêtecommissie zich meermalen af? Nee hoor, sommige betrokkenen wisten voor de overname al dat er snel kapitaal bij moest. Al na een paar maanden kon Den Haag 6,5 miljard bijstorten. Om de kapitaalspositie te versterken. Later gevolgd door een reeks andere tegenvallers.

„Onvermijdelijk gezien de kapitalisatie van het concern [Fortis]” zei Bert Bruggink bijvoorbeeld bij zijn verhoor. Als topman van de Rabobank (die ook te hulp was geroepen) zag hij de noodzakelijke bijstortingen van ver aankomen. En voor oud-directeur Arnold Schilder van De Nederlandsche Bank was het ook geen verrassing. De eerste noodzakelijke storting van 6,5 miljard was door DNB met 8,3 miljard zelfs iets te ruim berekend. „Er kan geen twijfel over zijn dat mijn toezichtsmensen dit zeer expliciet met de adviseurs van Financiën hebben besproken. Ik weet echter niet wat de adviseurs ermee hebben gedaan in de richting van het onderhandelingsteam van Financiën.”

Met andere woorden: hebben de ingeschakelde adviseurs van zakenbank Lazard de in verschiet liggende kosten wel aan die mensen doorgegeven die daadwerkelijk met de Belgen moesten onderhandelen?

Ergens moet de informatiestroom zijn vastgelopen. Het was hectisch, want Fortis liep aan alle kanten leeg. En van de Belgen, die het Nederlandse deel van Fortis voor een zo hoog mogelijk bedrag wilden verkopen, hoefden Nederland geen medewerking te verwachten. Dus wist Bernard ter Haar van Financiën tijdens de onderhandelingen van niets. „Door niemand, noch door Lazard, noch door mensen van DNB is op dat moment gemeld: je kunt het wel kopen, maar houd er rekening mee dat er nog kapitaal in moet. Dat is door niemand gewisseld”, zei hij tijdens een van zijn eerdere verhoren.

Vrijdag is Ter Haar weer van de partij, gevolgd door oud-president Nout Wellink (DNB) en Wouter Bos. Ook de oud-minister was verrast toen hij nog miljarden moest bijstorten. „Het was geen pretje voor mij om tot diep in 2009 terug te moeten naar de Tweede Kamer – drie of vier keer – met de vraag om nog meer kapitaal in ABN Amro te injecteren”, vertelde hij de commissie. Toch had volgens hem Financiën niets over het hoofd gezien. Zij voeren blind op hun financiële adviseurs. Hoe het toch zo fout ging? Bos: „Diegene die het model bij Lazard maakte is de enige die daarop het definitieve antwoord zou kunnen geven.” De bankiers Han en Van der Vlist van Lazard bijten morgen het spits af.