Nonkel pater over de Congo

Nonkel paterCanvas, 20.40-21.10 uur

Heeroom Frans had een rode fes. Hij was Witte Pater in donker Afrika. Missionaris: voor de katholiek kerk moest hij inboorlingen bekeren.

Zoals veel van zijn collega’s, kreeg hij ver van huis een veel vrijere taakopvatting dan de priesters hier. Zo voerde hij, dertig jaar voor het Tweede Vaticaanse Concilie, een nieuwigheid in: hij liet de Afrikanen geen Europese kerkliederen zingen, maar zette vrome teksten op plaatselijke volksmuziek. Zijn Afrikaanse parochie vond het prachtig. Sterker nog, ze gierden van het lachen zodra Heeroom Frans inzette. Wat bleek, hij had per ongeluk hele schunnige liedjes uitgekozen voor zijn bewerkingen.

In het katholieke België leeft de missie veel sterker dan hier. Mede omdat België een eigen Afrikaanse kolonie had: de Congo. De missie wordt verbonden aan de omstreden Belgische overheersing. Sinds het indrukwekkende toneelstuk Missie van David Van Reybroeck en vele andere culturele projecten rond Congo, staat de ooit verguisde missie weer in de belangstelling.

In de jaren zestig had iedere Vlaamse familie zijn nonkel pater: „baardige mannen die met straffe verhalen menig huiskamer, schoollokaal of parochiezaal muisstil kregen.” De achtdelige reeks Nonkel pater laat zestien paters nog één keer aan het woord. Ze zijn nu tussen de 78 en de 91 jaar en vertellen vanuit hun rusthuis over de barre tocht naar Afrika, het leven daar, de onafhankelijkheid en de terugkeer.

Wilfred Takken