Welvaartsverlies in Nederland door harmonisatie belasting

Het plan om de vennootschapsbelasting in Europa te harmoniseren zou in Nederland tot een welvaartsverlies kunnen leiden van 11 à 12 miljard euro. Dat blijkt uit berekeningen van de Europese Commissie.

De berekeningen zijn vorig jaar gemaakt, en zijn weer actueel omdat de Franse en Duitse ministers van Financiën, François Baroin en Wolfgang Schauble, vandaag een plan presenteren om de belastingheffing voor bedrijven meer te harmoniseren.

Uit de berekeningen van de Europese Commissie blijkt dat de afname van het bruto binnenlands product voor Nederland kan oplopen tot 1,7 procent. De investeringen zouden afnemen met ruim 1,8 procent.

„Verrassend”, zegt Peter Kavelaars hoogleraar fiscale economie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en directeur bij Deloitte Belastingadviseurs. „Het voorstel ligt al even en veel lidstaten zijn tegen. Frankrijk en Duitsland hebben blijkbaar besloten om het nieuw leven in te blazen.”

In maart 2011 deed de Europese Commissie een voorstel voor één Europees belastingsysteem. Het gaat daarbij om één belastinggrondslag, het bedrag waarover de belasting wordt geheven. De lidstaten behouden de vrijheid om zelf de hoogte van de tarieven te bepalen. „De tarieven zullen, wanneer er een uniforme grondslag komt, dichter bij elkaar komen te liggen”, voorspelt Kavelaars omdat de concurrentie op basis van tarieven zal toenemen. „Immers alle landen hebben dezelfde grondslag, dus daar kun je je niet meer mee onderscheiden.”

De Europese Commissie lanceerde het voorstel omdat bedrijven die in heel Europa actief zijn, te maken hebben met 27 verschillende belastingstelsels. Tien nationale parlementen, waaronder de Tweede Kamer, waren tegen het voorstel omdat belastingheffing een nationale kwestie is. Er bestaat in Europa alleen een ‘gedragscode’: landen mogen elkaar niet benadelen. In een repliek wees de Europese Commissie erop dat de hoogte van tarieven een nationale bevoegdheid blijft.

Duitsland en Frankrijk lijken een doorbraak te willen forceren. Zij hopen dat hun voorstel ertoe leidt dat een groep landen alvast een geharmoniseerd systeem kan invoeren. Volgens het Lissabonverdrag is ‘versterkte samenwerking’ op bepaalde terreinen mogelijk – als ten minste negen landen het willen. Eurocommissaris Šemeta (Belastingen) staat positief tegenover het initiatief. „De crisis leert ons: lidstaten moeten op economisch, op begrotings- en op fiscaal gebied meer coördineren. Mijn voorkeur is dat 27 landen dat doen. Als dat niet kan, is het goed als een groep vast vooruit gaat.”