Met Pijbes van hatsiekiedee naar de ratsmodee

Hoofddirecteur van het Rijksmuseum Wim Pijbes steekt de loftrompet over de stroom bezoekers van Amsterdam in 2011 (Opinie, 16 januari). Een miljoen bezoekers gingen in de eerste maanden naar de Hermitage en binnenkort vijf miljoen naar het Museumplein, maar Amsterdam heeft als toeristenbestemming nog een fantastische groeipotentie.

Reuzenkeuzes moeten gemaakt worden, opdat Amsterdam voor bezoekers loveable en voor bewoners liveable wordt. De Rotterdammer vermaant bewoners dat de lol van het „hatsiekiedee” van de Amsterdamse tofheid er wel af is. Verkeersstromen moeten worden aangepast, naar voorbeeld van Rome en Florence. Daar zijn grote delen van de stad in de zomer voetgangersgebied. Juist deze steden hebben hierdoor centra gekregen waar je niet langer wil zijn dan nodig. Inwoners kom je er nauwelijks tegen. Dit is een punt van zorg, nu Amsterdam zich mede onderscheidt door het feit dat in het centrum gewoon gewoond wordt.

Mijn buurt, de Nieuwmarktbuurt, bood in de jaren zeventig met succes het hoofd aan sloopplannen van de gemeente en, in de jaren tachtig, aan overlast van junks en dealers. Met de gemeente is gewerkt aan een buurt die zich heeft opgewerkt tot een pareltje van de stadsvernieuwing. Vandaag de dag een hapklare brok voor de toeristische sprinkhaanplagen. Ingeklemd tussen Waterlooplein, Hermitage, Joods Historisch Museum, Rembrandthuis, Rembrandtplein, Nieuwmarkt, Wallen en een hele trits recent opgeleverde hotels gaat de buurt naar de ratsmodee.

Ter voorkoming van een gang naar de gipskamer valt menig fietser terug op basale vormen van communicatie om kriskras over straat bewegende toeristen te herinneren aan internationaal geldende verkeersregels. Volgens Pijbes geldt hierbij de leidraad „eerst ik en dan de stad”. Pijbes eigent zich niet alleen het belang van de stad toe, hij heeft ook een moreel oordeel klaar over Amsterdammers die zich niet neerleggen bij de overname van de straat door de toerist. Dat krijg je als één bedrijfstak de binnenstad opeist.

Arnold Diemer

Amsterdam