Herdersjongen die voor zichzelf een stad bouwde

Van alle ‘nutty dictators’ oogt Noersoeltan Nazarbajev het sympathiekst. Met zijn zeventig jaar – hij is de enige president die Kazachstan heeft gehad sinds de val van het communisme – en voorkomendheid, neemt hij velen voor zich in. Ook in het Westen, dat aast op de gigantische olievoorraden in zijn land.

Maar Nazarbajev heeft ook een ander, onvriendelijk gezicht. Een hoofdredacteur van de krant Respoeblika, die ooit over een corruptieschandaal schreef waaraan de president zelf een miljard dollar zou hebben verdiend, trof een onthoofde hond aan op haar stoep. Vijf dagen later had haar dochter, plotseling opgepakt wegens „drugsbezit”, „zelfmoord” gepleegd in een politiecel. En van dat soort verhalen zijn er honderden in Kazachstan.

De persoonlijkheidscultus rond Nazarbajev is nog niet zo volgroeid als die rond zijn Turkmeense buurman. Maar hij flirt er wel steeds meer mee. Er wordt hard gewerkt aan legendevorming rond Nazarbajev. In 2009 werd Jonathan Aitken, een voormalig conservatief Brits regeringslid die zeven maanden in de cel zat voor meineed, ingeschakeld om een biografie over Nazarbajev te schrijven, Nazarbayev and the Making of Kazakhstan. Daarin staat dat herdersjongen Nazarbajev vanaf een steppeheuvel al de plek aanwees waar hij later zijn hoofdstad ging bouwen.

Die stad, Astana, (Nazarbajev liet er tien jaar geleden het hele ambtenarenapparaat voor verhuizen vanuit Almaty, de oude hoofdstad) is een één grote, futuristische hommage aan Nazarbajev. Het verhaal gaat dat hij hem zelf heeft ontworpen. Op een servet, tijdens een vlucht van Almaty naar Astana. Die reis duurt 1,5 uur.

Nazarbajev liet er de Baiterek bouwen, een toren met bovenin een pilaar met een gouden handafdruk van de president erin. Bruidsparen leggen daar hun hand in de ‘palm’ van ‘papa’, om hun huwelijk te zegenen.