'Ik kwam weer op de markt en belandde in de restbak'

Datingsite Paiq koppelt wekelijks voor Lux twee singles. Deze week Ernie en Yvonne.

Voor

Ernie: „Op elk potje past een dekseltje, maar ik heb nog nooit een lange relatie gehad. Een vriendin zei een keer tegen mij: ‘Jij durft je niet te koppelen.’ Misschien is dat wel zo. Het gevoel moet goed zijn bij mij, ik wil verliefd zijn. Dan zegt men: dat beklijft toch niet, verliefdheid wordt op den duur altijd houden van, maar dan ben je rationeel bezig. Op dat niveau zit ik nog niet.”

Yvonne: „Toen ik na een lange relatie met een muzikant weer op de markt kwam, merkte ik dat ik in de restbak beland was. Op je achtentwintigste is iedereen nog beschik-baar, maar daarna beginnen de meesten toch aan een gezin. Het gros van de mannen van mijn leeftijd zit vast.”

Hij: „Ik verveel me nooit. Ik ben docent techniek op een hogeschool, mensen komen van ver op mijn fietswielenhandeltje af en ik heb net een grote verbouwing aan mijn huis achter de rug. Alles zelf gedaan, met hulp van wel vijftig vrienden en familieleden.”

Zij: „Ik heb zelf actie ondernomen. Koken is mijn grote hobby, dus heb ik me als kok aangemeld bij een reisorganisatie voor hoger opgeleide singles. Het samenstellen van de menu’s is een hels karwei, maar ’s avonds kun je lekker meefeesten. Sinds kort organiseren een vriendin en ik ook singles-avonden in een café. PlusEen, noemen we het: iedereen moet een single kennis van het andere geslacht meebrengen.”

Hij: „Ik let op uiterlijk, jammer genoeg. Daarmee zet je veel mensen bij voorbaat al op ‘nee’. Maar schoonheid kan in hele kleine dingen zitten, een glimlach of een bepaald loopje. Alleen van overgewicht hou ik niet.”

Zij: „Normen en waarden vind ik belangrijk. Hoe gaat iemand met het leven, met zijn spullen om? Zelf leef ik redelijk zuinig en bewust. Dat moet een beetje overeenkomen.”

Na

Zij: „Ik herkende hem. Ik dacht meteen: die heb ik eerder gezien.”

Hij: „Ik heb een keer zo’n weekend voor singles in een kasteel in de Ardennen gedaan, en daar was zij de kok. We hebben elkaar toen niet uitgebreid gesproken, maar ik wist nog hoe ze eruit zag. Ze is mooi. En ze ziet er jonger uit dan veertig.”

Zij: „Ernie is een fijn type. Hij houdt van zijn werk als wiskundeleraar en heeft met die fietswielen echt een nichemarkt ontdekt. Het was heel gezellig.”

Hij: „Het gesprek liep redelijk makkelijk. Ze zei dat ze te vroeg had gepiekt op relatiegebied. Ik vind dat zo jammer: zo’n leuke meid die elk jaar ouder wordt en die de liefde maar niet kan vinden.”

Zij: „‘Nou, dat was fijn, bedankt hè, doeg!’ zeiden we bij het afscheid. Na afloop realiseerde ik me dat we geen gegevens hadden uitgewisseld – waarschijnlijk voelden we allebei aan dat dit het wel was. Aan Ernie lag het niet, dat is een toffe vent. Gezonde uitstraling, fijne lach… Maar de magneet ging niet aan. Ik word niet zo vaak verliefd.”

Hij: „We hebben elkaars e-mailadres nog van dat singlesweekend. Ik zou haar best nog eens willen zien, want volgens mij zit er meer in dan dit ene gesprek. Ik voelde me ook niet helemaal op mijn gemak in dat café, het was er koud. De strijd is nog niet gestreden.”