En wat doet de patriot? Hij smeert 'm naar Nederland

De een na rijkste man van Portugal, eigenaar van supermarktketen Pingo Doce, betaalt in Nederland belasting. Tot grote verontwaardiging van Portugezen die op last van de Europese Unie meer belasting moeten afdragen. „Dit is een stomp in de maag van de Portugezen.”

Ook Bruno Gomes is het nieuwe jaar begonnen met een goed voornemen. „Ik ga voortaan alleen nog maar boodschappen doen bij Pingo Doce”, vertelt de dertiger als hij in Lissabon met een plastic tas in elke hand een vestiging van de supermarktketen uitloopt. „Hoe meer winst Pingo Doce maakt, hoe slechter het Portugal vergaat en hoe eerder we de escudo weer terughebben”, zegt hij met een cynische lach. „Dat is toch wat die Soares wil?”

Soares is Alexandre Soares dos Santos, met een geschat vermogen van 1,65 miljard euro de een na rijkste man van het land. Hij en zijn familie zijn grootaandeelhouder van Jerónimo Martins, dat in Portugal – in een joint-venture met Ahold – ruim 350 supermarkten van het merk Pingo Doce uitbaat.

Het is de grootste keten van het land. Bijna geen Portugees die er niet regelmatig iets koopt. En doorgaans met genoegen: de prijzen liggen er relatief laag. Maar sinds bekend werd dat de familieholding om fiscale redenen de wijk heeft genomen naar Nederland, zijn Soares en Pingo Doce mikpunt van nationale verontwaardiging.

Dat heeft te maken met de timing en met de persoon van Soares, denkt Daniel Aurelio Feliciano. De werkloze jonge vader is zeer actief op een ludieke Facebookgroep die eist dat de caissières van Pingo Doce voortaan het Nederlandse minimumloon betaald krijgen. Dat zou neerkomen op een ruime verdrievoudiging van hun huidige salaris.

Aurelio: „De crisis bevindt zich op een dieptepunt. Deze man roept regelmatig dat we allemaal achter ons land moeten gaan staan, dat van iedereen opofferingen worden verwacht. En wat doet deze patriot zelf? Hij smeert hem.”

Op internet wordt geciteerd uit de politieke uitspraken van de rechtse Soares. Er circuleren foto’s van klompen met het logo van Pingo Doce. De bekende komiek Rui Unas persifleerde een van de tv-reclames van Pingo Doce, die altijd een sterk Portugees chauvinisme uitstralen. Hij monteerde Hollandse grachten en molens in een spotje, om er in gebroken Nederlands bij te vertellen: „In Portugal is een supermarkt die de Nederlanders helpt. Hoe dat mogelijk is? Door belasting te betalen in Nederland!”

Toch is Nederland nog maar een bescheiden mikpunt van de Portugese woede, de meeste boosheid richt zich al maanden op Duitsland (en een klein beetje op Finland, dat vorig jaar de noodhulp aan Portugal ophield). Over de leidende Duitse rol in de crisisaanpak hebben weinig Portugezen een goed woord over. Portugal werd nooit bezet door de Duitsers, maar volgens velen is dit inmiddels wel het geval.

Het nationale likeurmerk Beirão speelde rond de Kerst op dit sentiment in met een reclamecampagne. In het straatbeeld verschenen posters met een karikatuur van Angela Merkel die een fles Beirão vasthoudt. De begeleidende tekst: „Lieve Angela. Portugal geeft je het beste.”

Het is het soort galgenhumor dat past bij de melancholische Portugese volksaard. Portugezen leven traditioneel met de overtuiging dat de toekomst bovenal onheil zal brengen. Wie kijkt naar de huidige economische situatie kan de Portugezen daar geen ongelijk in geven.

Het leidt bij veel Portugezen tot een gelaten berusting in het naderende noodlot. Ze worden toch wel bestolen door hun politici en het grootkapitaal, klagen ze. De in Portugal relatief sterke ultralinkse partijen peperen hen dit met posters in, die overal in het straatbeeld hangen: ‘Stop het Agressiepact’, ‘Ze bestelen het volk en geven het aan de banken’.

Nadat ze de kassa van een Pingo Doce in de universiteitsstad Évora is gepasseerd, vertelt klant Ruth dat ze boos is, maar nooit serieus een boycot heeft overwogen. „Natuurlijk doen ze dit om belasting te ontduiken. Maar wij burgers zijn allemaal meer belasting gaan betalen. Dus juist daarom blijf ik hier fijn goedkoop boodschappen doen.”

Bij de personeelsuitgang verderop houdt caissière Carmen rookpauze. „Mensen vragen ons er wel naar, maar blijven gewoon komen. We merken niks van een boycot. Onze baas is boos op de premier. Zoals alle Portugezen boos zijn op de regering. Dat schept een band.”

Hoewel het dus nimmer tot een boycot is gekomen, zag Pingo Doce zich wel gedwongen te reageren op alle kritiek. Er liggen nu foldertjes bij de kassa waarin – zonder Nederland te noemen – gesteld wordt dat „Pingo Doce, als altijd, fiscaal gevestigd blijft in Portugal” en dat „de belastingverplichtingen aan de Portugese staat blijven zoals ze altijd waren.”

Aandeelhouder Soares lanceerde een mediaoffensief. Hij legde hij uit dat „de kapitaaloverdracht niets te maken heeft met belastingen. Ik ga niet meer of minder betalen.” Hij stelde: „Ik weet niet of Portugal in de eurozone blijft. Als het er uitstapt, gaan we terug naar de escudo. Ik heb het recht mijn vermogen te beschermen.”

Deze uitspraak kwam Soares weer op kritiek te staan. Zo stelde Marcelo Rebelo de Sousa, een kopstuk uit de regeringspartij PSD, een dag later dat „Alexandre Soares dos Santos het idee geeft niet meer in zijn land te geloven. Dit is een stomp in de maag van de Portugezen.” Zijn partijgenoot, de centrum-rechtse premier Pedro Passos Coelho, toonde in het parlement „begrip” voor Soares’ verhuizing.

En deze week nog was een staatssecretaris van Economie aanwezig bij de uitreiking van een ondernemersprijs aan Soares. Hij roemde daarbij de bijdrage van alle genomineerden bij het „herstellen van de economie”. Soares benadrukte tijdens dit feestje hoe belangrijk het is dat Portugese bedrijven meer internationaal zaken gaan doen. Ook om hun eigen land vooruit te helpen. „Portugezen blijven slapen en begrijpen het fenomeen globalisering niet. Alle bedrijven die alleen in Portugal opereren zijn verdoemd.”

Hij vertelde dat zijn activiteiten buiten Portugal het land duizenden banen opleveren. Als voorbeeld gaf hij zijn Poolse supermarktketen Biedronka, die „zeven miljoenen liter Portugese wijn verkocht”. Ook onthulde hij dat hij in Brazilië actief wil worden. „We hadden daar al eerder moeten zijn.”