Orbán: er is niets mis met die wet! Op wat kleine puntjes na

Premier Orbán belooft de Hongaarse grondwet aan te passen. Al had het Europarlement beter moeten lezen

Hungarian Prime Minister Viktor Orban gives a press conference after his meeting with MP on January 18, 2012 at the European Parliament in Strasbourg. Orban has told EU authorities he will modify controversial laws which are the subject of legal action against Budapest launched by the European Commission, the executive chief said on January 18. AFP PHOTO GEORGES GOBET AFP

Correspondent Brussel

Straatsburg. Meteen na zijn debat met Europarlementariërs, dinsdag in Straatsburg, was de Hongaarse premier Viktor Orbán weer zoals Europa hem kent: fel, hard, nationalistisch.

Tegen een zaal met journalisten zei hij dat hij in het debat zelf toegeeflijk was geweest, omdat het eigenlijk een oneerlijke strijd was. Híj kende de nieuwe grondwet van zijn land – waar Europese politici zich zorgen over maken omdat die de democratie zou aantasten – al zo lang. En de Europarlementariërs hadden die natuurlijk niet gelezen. „Kennelijk is dat normaal hier. Dat je debatteert over een tekst die je niet kent.”

Orbán had zichzelf uitgenodigd in Straatsburg. Een dag eerder was de Europese Commissie begonnen met een inbreukprocedure* bij het Europese Hof van Justitie, omdat er twijfel is over de nieuwe grondwet en wetten die daarbij horen: de centrale bank en de instelling voor gegevensbescherming zouden niet onafhankelijk zijn en rechters worden vervroegd met pensioen gestuurd om nieuwe, politieke benoemingen te doen.

Nog dezelfde dag stuurde Orbán een nederig geformuleerde brief naar de Commissie waarin hij aanpassingen aankondigde. In het Europees Parlement zei hij dat de problemen heel snel opgelost kunnen zijn.

Volgens hem was er maar één punt waarop Hongarije niet wil toegeven: de Commissie heeft er bezwaar tegen dat bestuurders van de Hongaarse centrale bank een eed moeten afleggen op de grondwet. „Dat doen we al twintig jaar zo”, zei Orbán. De Commissie denkt dat ze dan niet meer onafhankelijk kunnen meedoen aan het overkoepelende bestuur van de Europese Centrale Bank.

Orbáns optreden in het Europees Parlement leek onderdeel te zijn van een afspraak met de Europese christen-democraten, waar zijn partij bij hoort: in ruil voor zijn toegeeflijkheid was er een lange rij christen-democratische Europarlementariërs die zeiden hoe geweldig Orbán was.

Daniel Cohn-Bendit, fractievoorzitter van de Groenen, vergeleek Orbán met Fidel Castro en Hugo Chávez. „U gaat de kant op van alle autoritaire regimes waar u en ik vroeger tegen streden”. De liberale fractieleider Guy Verhofstadt noemde de Hongaarse journalisten en minderheden die zich bedreigd voelen. „En uw vroegere kameraden, oud-dissidenten, schreven u: ‘Hongarije is een treurig voorbeeld van wat er kan gebeuren bij crisisdreiging, versterkt door pogingen om met autoritaire oplossingen te komen en een politiek van geïsoleerd nationalisme.”

Ook Commissievoorzitter Barroso zei dat er een probleem was met de ‘geest’ van de grondwet. Eurocommissaris Viviane Reding van Justitie noemde nadrukkelijk de mogelijkheid van meer strafprocedures. De Commissie heeft nog steeds twijfels over de persvrijheid in Hongarije, ondanks veranderingen in de mediawet die vorig jaar heftige reacties opriep.

Viktor Orbán keek toe en draaide drie uur lang steeds zijn pen om. In de persconferentie na het debat ontkende hij dat hij zwak staat, omdat zijn land in overleg is met de EU en het IMF over leningen. Hongarije dreigt failliet te gaan, maar Orbán zei: „Wij hebben geen nieuwe kredieten nodig. (...) We willen alleen een principeakkoord over garanties, voor het geval we problemen krijgen op de financiële markten.”

Orbán zei dat Europa „twee of drie keer moest nadenken” voordat het meer aanpassingen in de grondwet eist. „Dit kan een sneeuwbal zijn. Welk land volgt? Het is een gevaarlijke weg. Als er zulke bemoeienis is, ideologisch gemotiveerd, zal dat Europa zwakker maken. En hebben we midden in de financiële crisis niets anders om ons druk over te maken?”

Wat Castro en Chávez betreft: Orbán vergelijkt zichzelf liever met de Franse generaal Charles de Gaulle. ,,Je kunt als land niet overleven zonder het gevoel dat je een grote natie bent. Dat gaat niet in tegen het Europese idee. We moeten tolerant zijn, maar ook zelfrespect hebben.”

In het debat was CDA-Europarlementariër Corien-Wortmann-Kool naar Orbán toegegaan om hem te begroeten, wat tot fel getwitter leidde van andere Nederlandse Europarlementariërs. VVD’er Hans van Baalen zei na afloop dat de Europese christen-democraten „wegdoken”. „Net als vroeger bij Berlusconi.” CDA-Europarlementariër Wim van de Camp: „Wij gaan niet à la de liberalen een kruistocht beginnen tegen Orbán. Hij is door de Commissie op de vingers getikt en moet de dingen rechtzetten.”

    • Petra de Koning