Warming-up helpt niet tegen voetbalblessures

Zestig procent van de amateurvoetballers in Nederland loopt tenminste eenmaal per jaar een blessure op. En dat is niet te verhelpen met een andere warming-up.

Een door de wereldvoetbalbond FIFA ontwikkelde warming-up voor voetballers vermindert bij Nederlanders amateurvoetballers het aantal blessures niet. In één voetbalseizoen raken drie op de vijf voetballers in de eerste klasse van de zaterdagamateurs minstens eenmaal geblesseerd. Sommigen wel twee of drie keer.

Sportgeneeskundigen van het UMC Utrecht, in samenwerking met de voetbalbond KNVB, testten het FIFA-programma De11 bij 23 eersteklaselftallen. In totaal deden 456 spelers mee. De helft van de teams (die in het noorden) begon iedere training met De11. De andere helft (in Zuidwest-Nederland) deed een traditionele warming-up. Alle deelnemers liepen in één speelseizoen 427 blessures op. Negen van de tienkeer raakte het onderlichaam beschadigd. Meestal spieren of pezen.

Onder de 3,7 miljoen sportblessures die jaarlijks in Nederland optreden, scoort voetbal met ruim 620.000 het hoogst. De FIFA wil dat terugdringen en ontwikkelde tien jaar geleden het warming-upprogramma De11 (op z’n Engels the eleven).

„Een van die ‘elf’ is het bevorderen van fair play,” zegt onderzoeksleider en hoogleraar sportgeneeskunde Frank Backx. „In ons onderzoek bekeken we alleen het effect van de tien warming-upoefeningen.”

Of een warming-up en dan vooral de rek- en strekoefeningen daarbij blessures helpen voorkomen is omstreden. De meeste onderzoekers geloven dat rekken en strekken niet helpt. Backx: „Rustig beginnen met de bewegingen die in de training en wedstrijd intensiever zijn helpt wel. Een koude machine moet gedoseerd worden opgewarmd.”

De11 is toch weer anders. „Het zijn tien oefeningen om de stabiliteit, coördinatie, spierkracht en wendbaarheid te verbeteren. Of dat nodig is bij deze voetballers van 25 jaar oud die al gemiddeld 17 jaar voetballen? Ja. Ik weet niet of het komt doordat de schoolgymnastiek is verdwenen, maar wij sportartsen zien in onze praktijk mensen die de eenvoudigste balansoefeningen niet kunnen doen. Je ziet dat hele spiergroepen onderontwikkeld zijn.”

Bij jeugdvoetballers in Zwitserland, en bij volwassen Noorse voetbalsters vermindert De11 wél het aantal blessures. Backx wilde onderzoeken of het bij jongvolwassen mannelijke voetballers ook werkt. „Wij hadden onze bedenkingen. Zij zijn eigenwijzer. De vraag is of mannen de oefeningen wel volhouden.”

De hypothese dat De11 het aantal blessures én het aantal ernstige blessures zou verminderen kwam niet uit. Ja, zegt Backx, het kan zijn dat deze oefeningen pas op langere termijn effect hebben. Dat een jaar meten te kort was. „Maar je krijgt geen subsidie om langer te meten.” Blessure-onderzoek bij topteams in contactsporten wordt ook erg „vervuild” door de schoppende tegenstanders. 40 procent van alle voetbalblessures zijn contactblessures. verstappen en verdraaien Backx: „De KNVB voert De11 overigens wel in, als De11+. Die heeft wat meer afwisseling en duurt wat langer.”