Kuifje in Kakheti

Op de begin januari gehouden Wine Professional, de wijnbeurs die tegelijkertijd met de Horecava in een aanpalende RAI-hal werd gehouden, wilde ik nu eens niet louter ‘the usual suspects’ proeven. Mijn focus lag dit jaar bij onbekende druiven uit minder voor de hand liggend streken of wijnlanden. Aanstaande zaterdag kunt u in mijn bijdrage in NRC LUX lezen welk vinologisch terra incognita ik na twee dagtochten in kaart heb gebracht na meer dan honderd stands te hebben bezocht. Helaas was in de gedrukte editie geen ruimte meer voor twee wijnen die ik wat uitgebreider wilde bespreken. Vandaar dus maar op deze plek.

Zo proefde ik uit Moldavië de Negri de Purcari 2005. Rood dat mij in de tijdmachine doet belanden, terug naar 1878. Plaats van handeling: de Wereldtentoonstelling in Parijs. Aldaar op de proeftafel: Negru de Purcari. Alwaar belangstellenden te over voor een internationale blindproeverij waar ook de grote rode wijn uit Frankrijk te proeven waren. De verrassing: groot. Want Negru de Purcari uit het nietige Moldavië kreeg het goud uitgereikt. Een soort Paris Tasting avant la lettre, de ‘legendarische’ proeverij in 1976 waar destijds in de Franse hoofdstad een Amerikaanse wijn het ook won van alle gereputeerde Fransjes.

In 2008 is daar een middelmatige film van gemaakt (Bottle Shock) en die wijn (Château Montelena) is overigens ook lang zo bijzonder niet als de rolprent ons wil laten geloven. Dan deze Negru de Purcari 2005 (€ 19,95). Mooi materiaal. Opvallend elegant. Lichtvoetig. Met ragfijn rood fruit. Handje licht geroosterde hazelnootjes. Op de een of andere manier veel transparanter en monterder dan je zou verwachten van een voormalige Oostblokker, en bovendien maar 12,5 procent. Zeer eigentijds.

Omdat ik nu toch in de Kuifje-landen aan het wijnwinkelen was, heb ik ook nog maar even Georgië aangedaan. Uit de streek Kakheti (Kuifje in Kakheti) proefde ik Telavi Kondoli ‘Marani’ 2007 (€ 12,75). De importeur waarschuwde mij vooraf: ‘Laat je schoonvader deze Georgiër blind proeven en hij zal aarzelen tussen de linker- en de rechteroever van de Garonne rivier in de Bordeaux.’ Dat zal lastig worden met mijn schoonvader, want de goede man is al bijna tien jaar dood. Bovendien aarzelde hij maar over één ding: zal ik nog een Heineken-biertje nemen of ga ik naar bed? Dus die vlieger gaat niet op.

En nu begrijp ik ook eerlijk gezegd het vergelijk met rode Bordeaux niet. Kleine wijnlanden of wijnstreken met een minderwaardigheidscomplex willen zich wel vaker vergelijken met de grote jongens. Argumenten als zelfde druiven, zelfde klimaat, zelfde grond of ligging op dezelfde breedtegraad worden te pas en te onpas te voorschijn gehaald.

Mijn vraag luidt immer: ‘Waarom zou je als je van jezelf uniek bent?’ Rood van de saperavi kom je immers niet bepaald dagelijks tegen in de Westerse wereld. Deze authentieke Oostblokker komt voor in alle wijnregio’s van wat nu te boek staat als de voormalige Sovjet Unie. Daar staat hij bekend als een noeste werker die zorgt voor veel kleur en fiks wat zuren. Veelal resulteert dit in een blendverplichting, maar solisten zijn bekend.

Zoals deze bijvoorbeeld. Lijkt in de verste verte niet op Bordeaux (of het moet uit de zinderende 2003 oogst zijn), want biedt gul, zonnig, uitbundig bijna overrijp rood en zwart fruit met volop zonnige specerij. Dit rood is zoet, is zacht, heeft toch kracht en laat zich met niets vergelijken. Of het moet met een goeie saperavi zijn. Interessant, en mooi materiaal voor een blindproeverij.