Hedwige houdt Nederland en België verdeeld

Premier Mark Rutte houdt vast aan behoud van de Zeeuwse Hedwigepolder. Dat bleek gisteren na zijn ontmoeting met zijn Belgische ambtgenoot Elio Di Rupo.

De net benoemde Belgische premier bepleitte juist dat Nederland de Hedwigepolder zo snel mogelijk onder water zet. De federale Belgische regering deelt de bezorgdheid van de Vlaamse over het Hedwige-dossier.

De ontpoldering van de Hedwigepolder is nodig om de natuur van de Westerschelde te herstellen. Afspraken daarover zijn jaren geleden al vastgelegd in verdragen. Maar het kabinet en een meerderheid van de Tweede Kamer willen niet meer ontpolderen, omdat dat dit landbouwgrond kost. Als alternatief wil staatssecretaris Henk Bleker (Natuur, CDA) daarom twee polders bij Vlissingen onder water zetten en bestaande schorren- en slikkengebied verbeteren en vergroten.

De Vlaamse overheid verwacht daardoor 250 miljoen tot maximaal 785 miljoen euro schade te lijden en dreigt met een schadeclaim, zo lekte vorige week uit. Maar premier Rutte acht het alternatief van het kabinet haalbaar. „Wij denken dat wij een andere oplossing hebben dan letterlijk is afgesproken. We doen er nu alles aan om daar steun voor te krijgen”, zei hij gisteren. „Maar uiteraard in de context dat Nederland altijd goed is voor zijn handtekening. Wij zullen de internationale afspraken uitvoeren.” Rutte ontkende dat Vlaanderen een claim heeft neergelegd bij de Nederlandse overheid.

Ook de Europese Commissie is kritisch over het alternatief. Eurocommissaris Potocnik (Milieu) schreef daarover vorig jaar een bezorgde brief aan Bleker. De staatssecretaris heeft zijn alternatief nogmaals laten doorrekenen; deze of volgende week stuurt hij zijn reactie naar Brussel.

De ontmoeting met Rutte in Den Haag gisteren was het eerste buitenlandse bezoek van de nieuwe Belgische premier. Het gesprek in het Catshuis ging verder over Europa en de eurocrisis. Beide regeringsleiders hamerden op de noodzaak van strengere begrotingsdiscipline in de Europese landen en van werkgelegenheid en economische groei.

Het gesprek tussen Di Rupo en Rutte werd in het Nederlands gevoerd. Rutte na afloop: „We hadden allebei het idee dat we precies wisten waar we het over hadden.”