Glinsterende Zesde van Masur

Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Kurt Masur. Gehoord 18/1 Concertgebouw Amsterdam, Herh. 19, 20, 22/1 (diverse programma’s). www.concertgebouworkest.nl

Door Kasper Jansen

Het EK-voetbaljaar 2012 werd gisteren op opmerkelijke wijze geopend door het Koninklijk Concertgebouworkest. Op de lessenaars stond de Akademische Festouvertüre van Brahms en wat hoort men dan vooral tussen de citaten van studentenliederen? ´Hup Holland hup [...] Want de leeuw op voetbalschoenen kan de hele wereld aan.´ Wie dirigeerde? De Duitse vredestichter Kurt Masur, die in 1989 een prominente rol speelde tijdens de Wende, maakte hier op lyrische en triomfalistische wijze een eind aan de eeuwige voetbalvete.

Vier keer leidt Kurt Masur (84) het Concertgebouworkest, waarbij orkestleden als solist optreden. Gisteren en vandaag fluitist Kersten McCall in het Eerste fluitconcert van Mozart, daarna concertmeester Vesko Eschkenazy in het Eerste vioolconcert van Bruch. Kersten McCall speelde op zijn gouden fluit Mozart met een fraaie en prominent stralende toon. Hij kwinkeleerde ver boven het orkest en werd zeer zorgvuldig begeleid door Masur. De componistenzoon kwam uiteraard met stijlvolle eigen cadensen, in het Adagio vooruitlopend op Die Zauberflöte. Het publieke succes was groot.

De Zesde symfonie ‘Pastorale’ van Beethoven kreeg van Masur een magnifieke uitvoering, klassiek en liefdevol. Masur is een meester in het rustig detailleren met veel dynamische gradaties. En hij schildert met de orkestklank. Het weldadige gouden licht van het eerste deel werd wat diffuus in de ‘Szene am Bach’, om na de donder en bliksem weer fris te glinsteren. Zó wil men de Pastorale horen.