Franse twijfel over verbod ontkennen volkerenmoord

Volgens een Franse Senaatscommissie is het omstreden wetsvoorstel dat ontkenning van de Armeense genocide strafbaar stelt, in strijd met grondrechten als de vrijheid van meningsuiting.

Deze uitspraak, die niet bindend is, zet het debat over dit wetsvoorstel weer op scherp. Turkije heeft woedend gereageerd toen de Nationale Assemblée de strafbaarstelling van het ontkennen van genocide in het algemeen, en nadrukkelijk ook de Turkse massamoord op Armeniërs in 1915, vorige maand goedkeurde.

Maandag komt het wetsvoorstel, dat is ingediend door de rechtse UMP van president Sarkozy, in stemming in de Senaat.

Omdat links daar een meerderheid heeft en de linkse partijen in het algemeen het wetsvoorstel van rechts hebben gesteund, leek de uitslag van de stemming vast te staan.

Maar de socialisten zijn verdeeld geraakt. Een van hen, Jean-Pierre Sueur, leidde de Senaatscommissie die tot de conclusie kwam dat het genocidevoorstel in strijd met de grondwet is. Hij probeert zijn partijgenoten nu te bewegen om tegen te stemmen. Sueur ziet in de wet een mogelijk conflict met de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van wetenschappelijk onderzoek.

Ook zijn er in zijn ogen vraagtekens te zetten bij de mogelijke straffen. Het wetsvoorstel voorziet in maximaal een jaar celstraf en/of 45.000 euro boete voor wie een genocide ontkent.

In 2006, eveneens in de aanloop naar Franse presidentsverkiezingen, was er al eens veel ophef over een wetsvoorstel dat het strafbaar maakte te ontkennen dat Turken in 1915 genocide pleegden op Armeniërs. Toen drong president Chirac aan op het afstellen van het wetsvoorstel, om goede relaties te bewaren met de Turkije, dat juist bij wet verboden heeft van een genocide te spreken.

In Frankrijk is een Armeense gemeenschap van een half miljoen kiezers, die vooral in Marseille en Lyon een interessant deel van het electoraat vormt. Valérie Boyer, de UMP-afgevaardigde uit Marseille, die het wetsvoorstel heeft ingediend, zei in een eerste reactie vol vertrouwen te zijn dat de Senaat het toch aanneemt. (Reuters, AFP)