Duitse kritiek op nieuwe kerncentrale Borssele

De Duitse milieuminister Remmel van Noordrijn-Westfalen uit zijn zorgen over de plannen voor Borssele II, en de onbeheersbare gevolgen bij een eventuele kernramp.

Wie bezwaar maakt tegen de komst van een nieuwe kerncentrale in Borssele kan zich nu nog melden bij het inspraakpunt in Voorschoten. Daar is uit onverwachte hoek een brief binnengekomen vorige week. Afzender: milieuminister Johannes Remmel van de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen.

De brief is opmerkelijk omdat in Noordrijn-Westfalen de stad Essen ligt, en daar bevindt zich het hoofdkantoor van stroom- en gasleverancier RWE. Dat bedrijf is eigenaar van het Nederlandse Essent. RWE is op dit moment de enige nog overgebleven kandidaat om de nieuwe kerncentrale in Borssele te bouwen, nadat het Zeeuwse energiebedrijf Delta een maand geleden is afgehaakt als potentiële trekker van dit project. Het terugtrekken van Delta kostte topman Peter Boerma zijn positie. Hij trad per direct af.

De brief die milieuminister Remmel naar het inspraakpunt in Voorschoten heeft gestuurd, is een signaal. De politieke druk op RWE om de bouw van Borssele II niet door te zetten, is hiermee een feit.

Ook al is RWE een beursgenoteerd bedrijf, de lokale politiek heeft nog steeds een grote invloed op het reilen en zeilen bij het concern. Naar verluid moest in 2008 de toenmalige topman Harry Roels – een wat starre Nederlander afkomstig van Shell – bij RWE plaatsmaken voor de flamboyante ondernemer – en fan van The Beach Boys – Jürgen Grossmann, omdat die beter lag bij lokale politieke bestuurders. Overigens stapt Grossmann per 1 juni dit jaar op om plaats te maken voor weer een Nederlander, Peter Terium, die nu nog aan het hoofd staat van Essent.

In de brief uit milieuminister Remmel van Noordrijn-Westfalen zijn zorgen over de mogelijke komst van een kerncentrale in Borssele, en de onbeheersbare gevolgen bij een eventuele kernramp, zoals die zich vorig jaar in Fukushima voordeed. De kernramp in Japan heeft de risico-inschatting van kernenergie ingrijpend veranderd, schrijft Remmel. Hij werkt dat vervolgens uit.

Remmel heeft een worst case scenario laten doorrekenen à la Fukushima – alle veiligheidssystemen van de kerncentrale vallen uit, er volgt een explosie die een radioactieve wolk de lucht in slingert, er staat een oostenwind, er is geen regen.

Noordrijn-Westfalen ligt op zo’n honderd kilometer afstand van Borssele. De radioactieve wolk zou binnen zes uur boven de Duitse deelstaat hangen. De stralingsbelasting ter plekke zou 100 microsievert per uur kunnen bereiken, zo stelt de brief. Dat is hoger dan in een straal van 30 kilometer om Fukushima werd gemeten. Remmel geeft toe dat zo’n scenario weliswaar „relatief onwaarschijnlijk” is, maar niet onmogelijk.

De brief van Remmel is indirect een oproep aan de Nederlandse overheid om het Duitse voorbeeld te volgen. Duitsland heeft vorig jaar besloten zijn zeventien kerncentrales vervroegd te sluiten. In 2022 moeten ze allemaal van het stroomnet zijn gehaald. Onder leiding van bondskanselier Angela Merkel heeft Duitsland zich ertoe verplicht dat de CO2-uitstoot in 2020 een kwart lager moet zijn dan in 1990. In 2050 moet die uitstoot zijn gedaald met 80 procent.

Duitsland zet zwaar in op energiebesparing en duurzame energie. In zijn brief noemt Remmel met name windenergie, en een techniek die warmtekracht-koppeling heet – dat zijn centrales die behalve elektriciteit tegelijkertijd warmte opwekken.

Ook maakt Remmel zich sterk voor kleinschalige, decentrale opwekking van energie. Het zou, als twee vliegen in één klap, de betrokkenheid van burgers bij de energie- en klimaatproblematiek vergroten.

Remmel heeft aan het eind van zijn brief nog één punt van kritiek. De stukken die bij het dossier Borssele II horen, zijn niet in het Duits beschikbaar, zoals EU-richtlijnen voorschrijven, en zoals Nederland en Duitsland hebben afgesproken. Hij hoopt dat het bij een volgende inspraakronde wel het geval zal zijn. Al is het maar een samenvatting.