Hotels in Tibet zitten vol - met soldaten

Terwijl betogers in Tibet door zelfverbranding de aandacht op zich vestigen, heeft China de regio afgesloten. Met nieuwjaar op komst groeit de wanhoop van de Tibetanen.

De onrust in de Tibetaanse regio’s in China breidt zich uit nadat afgelopen weekend opnieuw een jonge Tibetaan zichzelf in brand stak. Op verschillende plaatsen in het grensgebied van de provincies Sichuan, Gansu en Qinghai demonstreren iedere dag groepjes monniken en jongeren tegen de Han-Chinese controles en regels.

Tot nu toe hebben 16 monniken bij wijze van protest tegen het Chinese bestuur zelfmoord gepleegd.

Bij een van die demonstraties, in de prefectuur Aba, opende het Chinese leger het vuur op de protesterende groep van tussen de 500 en 600 Tibetanen. Daarbij kwam een oudere vrouw om het leven en raakten drie betogers gewond. Een van hen verkeert nu in kritieke toestand.

De hoofdzakelijk jonge demonstranten droegen spandoeken met zich mee met slogans als „Wij strijden voor gelijkheid en vrijheid, wij willen democratie, gelijkheid, geweldloosheid en vrede’’.

Bij een andere demonstratie in Seda hielden demonstranten het portret van de dalai lama omhoog.

Lokaal circulerende meldingen dat het dodental na de botsing tussen leger en demonstranten aanzienlijk hoger zou liggen – er wordt gesproken over acht – konden vandaag niet bevestigd worden door lokale ziekenhuizen en de autoriteiten van Tibetaanse origine.

Aba is al maandenlang in fysiek en digitaal opzicht afgesloten, waardoor betrouwbare informatievoorziening met dagen vertraging verloopt.

In verband met het Chinese nieuwjaarsfeest, dat zaterdag begint, en het Tibetaanse nieuwjaarsfeest volgende maand, hebben de autoriteiten extra soldaten en eenheden van de paramilitaire politie naar deze gebieden gestuurd. Volgens de eigenaresse van het Gouden Landhotel in Aba zitten haar hotel en alle andere hotels in de wijde omgeving vol met soldaten en politiemannen. De gebieden zijn gesloten voor buitenlandse toeristen en journalisten.

Naar aanleiding van de laatste zelfverbranding, de vierde in de afgelopen weken en de zestiende in totaal, circuleert in de Tibetaanse gebieden een oproep om dit jaar alle nieuwjaarsfeesten te boycotten en in plaats daarvan te gaan demonstreren voor meer vrijheid. Op verschillende plaatsen zijn winkels met feestspullen gesloten.

De laatste dode is een jonge Tibetaan, Lobsang Jamyang (21), geen monnik, maar wel een student aan de school van het Amdo Yangoklooster. Hij studeerde Tibetaanse talen, geen studierichting waarmee in hedendaags China een bestaan opgebouwd kan worden. De jongen verliet een plaatselijk hotel, stak zich in brand en stierf voordat de politie het vuur kon blussen.

De spanningen in de Tibetaanse regio’s leidde ertoe dat een bezoek van de Chinese premier Wen Jiabao aan buurland Nepal, waar duizenden Tibetaanse vluchtelingen wonen, geheim werd gehouden.

Ook in de Nepalese hoofdstad Katmandu heeft zich een geval van zelfverbranding voorgedaan. De Nepalese autoriteiten arresteerden voor de komst van Wen 114 monniken in drie verschillende kloosters.

Oscar Garschagen