Freud terug als filmheld

Als wetenschapper heeft hij voor velen afgedaan, maar als filmpersonage is Freud nog zeer vitaal. A Dangerous Method gaat over zijn relatie met Jung en Sabina Spielrein.

Niemand zal ooit meer een film maken als John Hustons Freud. A Secret Passion uit 1962, een biopic die begint met een korte samenvatting van de voortgang der beschaving: Newton bracht ons inzicht in het heelal, Darwin ontsloot voor ons de wetten van de natuur en Freud ontdekte hoe de menselijke geest in elkaar steekt.

De door Sigmund Freud (1856-1939) uitgevonden psychoanalyse heeft in zijn oorspronkelijke vorm vrijwel afgedaan als methode voor genezing voor psychisch lijden en wordt in Nederland zelfs niet meer door de verzekering vergoed. Freud heeft zijn glans als redder der mensheid verloren, hij is deel van de cultuurgeschiedenis geworden.

Zulk geloof in de psychoanalyse als een wetenschap die trefzeker de wetmatigheden van de menselijke geest in kaart brengt, heeft afgedaan. Ook een film als Alfred Hitchcocks Spellbound uit 1945, waarin twee psychiaters door de juiste interpretatie van dromen een moord oplossen, is nu ondenkbaar.

Natuurlijk wemelt het in de hedendaagse cinema van dromen, onderbewustzijn, paranoia, jeugdtrauma’s, psychiatrische inrichtingen, verdrongen herinneringen en zelfs psychiaters – de laatsten meestal als overbetaalde figuren die het gezeur van de rijken moeten aanhoren. De nagedachtenis van Freud zelf is echter die van Marx achterna: een negentiende-eeuwse systeembouwer aan wiens ambitieuze theorieën te weinig proefondervindelijk onderzoek ten grondslag ligt, en die bovendien tegen het eind van zijn leven steeds meer verzeild raakte in sektarische haarkloverij en machtsstrijd. Een duffe anti-held is geen meeslepende stof voor een film.

Maar er is redding opgedoken in de vorm van een kartonnen doos vol papieren, in 1977 aangetroffen op een zolder in Genève, en later aangevuld door de vondst van nog twee zulke pakken papier. Het zijn de persoonlijke papieren van de Russisch-joodse Sabina Spielrein (1885-1942) die in 1904 de eerste patiënt was die de in Zürich praktiserende Zwitserse arts Carl Jung volgens de methode van de psychoanalyse behandelde. Jung werd lang door Freud gezien als zijn ‘kroonprins’ in de internationale psychoanalytische beweging.

Spielreins levensverhaal is fascinerend: van patiënt van Jung werd zij diens student, en vestigde zich als psychoanalyticus. In 1923 keerde zij terug naar Rusland. Onder Stalin raakte psychoanalyse onder verdenking van ‘burgerlijk idealisme’. Spielrein zou het lot van andere Russische psychoanalytici hebben gedeeld en in de jaren dertig het leven voor een vuurpeloton of in een kamp hebben gelaten, als zij de psychoanalyse niet op tijd vaarwel had gezegd. Zij keerde terug naar vaderstad Rostov-aan-de-Don en is daar in 1942 samen met honderden andere joden door Duitse soldaten gedood.

Spielrein had jarenlang een liefdesrelatie met Jung, die begon in de tijd dat zij zijn patiënt was – blijkt uit hun beider diepzinnige brieven die op zolder zijn gevonden. Zij wilde een kind van hem, dat vrij naar Wagner ‘Siegfried’ zou moeten heten. Jung was aanvankelijk zeer van Spielrein onder de indruk – hij noemde haar in een brief aan Freud ‘wellustig’ en was aangenaam getroffen door haar intellectueel niveau in een tijd dat Zwitserse vrouwen als de zijne nauwelijks de moeite van hogere educatie waard werden geacht.

Met de jaren ervoer hij haar echter meer als een bedreiging en weerde haar af. Niet zozeer – wat je naar hedendaagse normen zou kunnen vermoeden – omdat het voor een analyticus niet oorbaar werd geacht een seksuele verhouding met een analysant aan te gaan. Die norm moest nog worden uitgevonden. Meer omdat hij niet de verhouding met zijn Zwitserse echtgenote Emma op het spel wilde zetten, met wie hij twee dochters had en die bovendien schatrijk was. Spielrein – inmiddels volleerd psychoanalyticus – nam in 1911 contact op met Freud, verhuisde naar Wenen en woonde de wekelijkse debatavonden bij die Freud met zijn Weense volgelingen organiseerde. Zij zou ‘uitvinder’ zijn van door Freud overgenomen gedachten over doodsdrift.

Dit alles gebeurde juist in de tijd waarin tussen Freud en Jung een radicale verwijdering optrad. Die had tal van oorzaken, zoals de bezwaren van de meester tegen Jungs ‘onwetenschappelijke’ voorliefde voor spiritisme en andere irrationele verschijnselen. Maar de breuk was ook de confrontatie tussen twee ambitieuze mannen, die elkaar de hoofdrol in de internationaal snel aan betekenis winnende psychoanalytische beweging niet gunden. De ontdekking van Spielreins papieren in de jaren zeventig biedt nog een andere, dramatisch aanlokkelijke verklaring voor hun conflict: cherchez la femme.

A Dangerous Method, de nieuwe film van David Cronenberg, die in Nederlandse première gaat op het Rotterdams filmfestival, is niet de eerste film waarin Sabina Spielrein voorkomt. Er is een docudrama uit 2002 van de Zweedse regisseur Elisabeth Marton, Ich hiess Sabina Spielrein, dat zich vrij nauwgezet aan de beschikbare schriftelijke bronnen houdt, waaronder bewaard gebleven delen van een door de jaren heen bijgehouden zelfanalyse. In hetzelfde jaar deed de Italiaanse regisseur Roberto Faenza in Prendimi l’anima (Soul keeper) een niet zeer geslaagde poging Spielrein tot feministische heldin op te poetsen. Dat Jung, die Spielrein in brieven een belangrijke invloed op zijn denken toeschrijft, haar bestaan later zoveel mogelijk heeft verdonkeremaand, geeft tot die benadering enige aanleiding.

Cronenberg lijkt eigenlijk niet zo’n heel erg duidelijke opvatting te hebben over zijn heldin. Op betrekkelijk zakelijke wijze vertelt hij het verhaal van een vrouw tussen twee beroemde mannen, en hoe zij een rol speelde in de verwijdering tussen beiden. Het is een kostuumstuk maar vooral Keira Knightley (Spielrein) zorgt voor een hedendaagse toon. Naar ontroerende dubbele lagen of afgronden is het vergeefs zoeken – zo is het als kijker aan het begin moeilijk om ondersteboven te raken van de stereotiepe psychotische aanvallen die Knightley neerzet. Maar Cronenberg was altijd al een regisseur die het meer van de situatie dan van de psychologie moest hebben.

De film is gebaseerd op het uit 2003 daterende toneelstuk The Talking Cure van Christopher Hampton, die het zelf voor Cronenberg tot scenario bewerkte. De titel van de film is echter gebaseerd op het meest uitvoerige geschiedwerk over Spielrein en de splijting van de psychoanalytische beweging dat verschenen is, A Most Dangerous Method van John Kerr uit 1993.

Bij lezing van dat boek blijkt dat Cronenberg en Hampton zich de nodige historische vrijheden hebben verschaft. Zo zie je Spielrein en Jung (Michael Fassbender) ijverig in de weer met sm-seks – niet helemaal uit de lucht gegrepen omdat er een brief van Jung aan Freud bestaat over ‘een joodse vrouwelijke patiënt’ die opgewonden raakt bij de gedachte geslagen te worden. Maar of de vriendschap of liefde tussen beiden ooit het verbale stadium voorbij is gekomen, is niet zeker.

Ook is historisch niet duidelijk of, zoals scenarioschrijver Hampton sterk suggereert, Spielrein echt naar de Weense kring rond Freud (in de film gespeeld door Viggo Mortensen) is overgelopen om wraak te nemen op Jung die in Zürich haar avances afwees. Je zou je dat goed kunnen voorstellen natuurlijk, maar het kan net zo goed een slimme career move zijn geweest.

Maar ach, misschien is dat ook allemaal bijzaak. Feit is dat Freud terug is in de cinema – niet meer in de heldenrol van wetenschappelijk ontdekker en redder der mensheid, maar als mens van vlees en bloed in de fascinerende context van de geestesgeschiedenis van het begin van de twintigste eeuw, die – of hij nu gelijk had of niet – als vrijwel geen ander ons hedendaags denken en terminologie heeft beïnvloed. En dat allemaal dankzij Sabina Spielrein – wat een vrouw niet kan doen.

A Dangerous Method is op het IFFR te zien op 27,28 en 31 januari en 1 en 3 februari.