Alles wat je tegen Obama zegt, onthoudt hij. Vrees politici die luisteren

Hoe meer je over een mens weet, hoe voorspelbaarder hij wordt. In het bedrijfsleven heet deze discipline CRM. De chef datawetenschap van president Obama werkt nu aan een politieke variant, ‘Project Dreamcatcher’.

Hoe meer je over een mens weet, hoe voorspelbaarder hij wordt, hoe makkelijker je hem kunt beïnvloeden. In het bedrijfsleven heet deze discipline customer-relationship management (CRM). Rayid Ghani, de nieuwe chef datawetenschap van president Obama, werkt nu aan een politieke variant onder de codenaam ‘Project Dreamcatcher’. Follow the leader is uit. Follow the voter is in.

Rayid Ghani geldt volgens de website Slate.com als de expert in consumentengedrag. Hij ontwikkelde een supermarktmodel dat voorspelt wanneer een bepaalde klant overgaat tot de aankoop van een merk dat hij voorheen links liet liggen. Datamining, heet dit: het rangschikken van persoons- en productinformatie, ontdekken van patronen en vaststellen van verbanden in grote verzamelingen gegevens.

Eén van zijn andere projecten hielp zorgverzekeraars te anticiperen op claims. Handig voor het bepalen van premies, natuurlijk. Of het wegpesten van mensen die de deur bij de huisarts platlopen. Ghani’s algoritmes binden niet alleen de strijd aan met verrassingen, maar proberen de wereld ook naar de hand van de opdrachtgever te zetten. Ze maken het mogelijk om verschillende verkoopstrategieën op verschillende klanten los te laten. Dezelfde trucs wil hij nu toepassen in de campagne voor Obama’s herverkiezing.

Brieven lezen? Dat kan een computer veel beter

Hoe Rayid Ghani precies te werk gaat, blijft het geheim van de smid. Het is tenslotte niet de bedoeling dat de Republikeinen er net zo goed in worden. Toch maakt het team van Obama er geen geheim van dat er vol op datamining wordt ingezet. Lees bijvoorbeeld deze vacaturetekst: “Hou je van data, voorspellende analyses, sociale media en politiek? Op het hoofdkwartier in Chicago huurt het Analyse Team van de Obama-campagne voltijds ingenieurs en wetenschappers in.”

De uitdaging is niet om persoonsgegevens van kiesgerechtigden te vergaren, maar om hun dromen te vangen. “Die komen in hun eigen woorden”, schrijft Slate-redacteur Sasha Issenberg. “Veelal neergepend op de kladblokjes van campagnevrijwilligers, opgetekend tijdens een call-center-gesprek of geregistreerd via een stunt als ‘deel je verhaal’.” Dat laatste kan in maximaal 60.000 karakters. Het is de bedoeling dat mensen antwoord geven op de vraag hoe ze geprofiteerd hebben van Obama’s eerste termijn. In een ander veld moeten ze aangeven welke groepsnaam hun het beste typeert: docent, handelaar, werkloze, veteraan, kleine ondernemer, middenklasser of andersgeaarde. Het zal bezoekers van barackobama.com al opgevallen zijn: de president smeekt om de paar klikken om je gegevens. Ook wil hij dat je op zijn site inlogt met je Facebook-profiel, niet om je te verwelkomen als ‘new friend’, maar om je persoonsgegevens op te slurpen.

Iedereen die een beroemdheid schrijft beseft dat die beroemdheid het weleens te druk kan hebben om je brief te lezen. Issenberg vermoedt echter dat de ‘deel je verhaal’-brieven allemaal gelezen worden. Niet door Obama, maar door een intelligent computerprogramma van Rayid Ghani. “In theorie zou hij trefwoorden en contexten kunnen isoleren, en daaruit statistische patronen afleiden die de verhalen van miljoenen kiezers onderscheiden en betekenis geven.” Klaagt iemand bijvoorbeeld over ‘de auto bailout’, dan is het van belang om te ontdekken of hij een Tea Party-sympathisant is: zo’n rechtse rakker zal immers nooit voor Obama stemmen en kan daarom beter uitgesloten worden van toekomstige inspanningen. “Een algoritme dat in staat is om de feitelijke woorden van kiezers te interpreteren en te categoriseren, leidt tot gefundeerde inschattingen”, meent Issenberg.

Datamining? Nee, dit is microlistening

David Axelrod, politiek strateeg van Obama, belooft aan zakensite Bloomberg dat de technologische inspanningen van 2008 “prehistorisch” zullen lijken in vergelijking met die van 2012. En dat terwijl Obama toen al gold als de modernste politicus op internetgebied: hij verzamelde miljoenen volgers via Facebook, Twitter en MySpace.

Volgers dus, maar nu is het de bedoeling dat Obama zijn volgers zelf gaat volgen. Niet alleen zichtbaar (op Twitter volgt hij nu meer dan 680.000 mensen), maar ook onzichtbaar: hij wil hun dromen vangen, zodat hij ze efficiënter kan verleiden.

Zijn campagneteam heeft het liever over ‘microlistening’ in plaats van ‘datamining’. Dat klinkt een stuk minder eng, vriendelijk zelfs. Of zoals een medewerker tegen Issenberg zegt: “Als een miljoen mensen tegelijkertijd tegen je praten, dan is het moeilijk om naar alles te luisteren. We hebben tekstanalisten en andere instrumenten nodig om te leren wat iedereen zegt.”

Dat nodigt uit om over door te filosoferen. Als politici grip krijgen op al je uitingen, maakt ze dat dan tot manipulatieve Big Brothers? Of juist tot politici die wie altijd al wilden hebben: mensen die luisteren, die onze noden erkennen en er naar handelen?

Eerder in deze serie:
Obama faciliteert online petities. Idee voor Rutte?
2011, het jaar van de tirades tegen sociale media
Wandelend twitteren, sms’en, whatsappen, mailen. Wil je dood, ofzo?
Kijkt u naar YouTube? Zwaai dan maar, want YouTube kijkt terug
Sociale media in 2011 cruciaal voor rampen, revoluties en rellen
Telecomwaakhond: smartphone-gebruikers hebben lak aan etiquette
De wereld is ongelukkiger geworden, zeggen Twitter-onderzoekers

Volg @stevendejong op Twitter