Veel hangt af van de nieuwe directeur

Muziektheater, Nederlandse Opera en Het Nationale Ballet fuseren. Er komt een nieuwe directie waarin ballet en opera een gelijkwaardige stem hebben. Schaadt die structuur niet de autonomie van beide gezelschappen?

Ze hebben het over „een huwelijk nu de kinderen groot zijn” (zakelijk balletdirecteur Stijn Schoonderwoerd) of „een leap of faith” (operadirecteur Pierre Audi).

Maar de gisteren aangekondigde fusie van Het Muziektheater, De Nederlandse Opera (DNO) en Het Nationale Ballet (HNB) roept ook vragen op. Heeft dit „door allen gewenste sluitstuk van een steeds inniger samenwerking” (directievoorzitter Truze Lodder) artistieke gevolgen? Kunnen subsidiënten, die nu gescheiden instellingen geld verstrekken, de toegenomen synergie niet misbruiken als excuus voor subsidievermindering?

Volgens Stijn Schoonderwoerd is die zorg niet reëel. „Subsidiënten kijken naar de rol van een gezelschap binnen het bestel: naar de rol van DNO binnen het operabestel, de rol van HNB in de danswereld.” Niemand kan zich veroorloven gaten te laten vallen bij twee topinstellingen, denkt hij. „Het zijn gescheiden potjes en dat blijft zo.”

Van buitenaf is het lastig begrijpen waarom opera, ballet en theater juist nu overgaan tot fusie. Met de aankomende bezuinigingen vanaf 2013 heeft het niets te maken, onderstreepte Lodder gisteren ferm. Waarmee dan wel? Het Muziektheater was een bestuurlijk monstrum, met drie stichtingsbesturen, drie raden van toezicht en, ooit, zeven directeuren.

Inmiddels zijn dat er vier, volgend jaar blijven er drie over: één algemeen directeur, één operadirecteur (Pierre Audi) en één balletdirecteur (Ted Brandsen), allen gelijkwaardig.

Daarmee wordt een punt gezet achter de al veel langer lopende interne reorganisatie, die overhead steeds verder beperkte. Niet twee personeels- of communicatieafdelingen, maar één.

Het Muziektheater gaat zo meer lijken op operahuizen elders ter wereld, met als verschil dat ballet hier de gelijke is van opera, en niet de ondergeschikte. Dat de organisatie niet eerder formeel werd gestroomlijnd, is logisch vanuit de achtergrond van Het Muziektheater, waar opera en ballet in 1987 als bestaande, autonome instellingen zijn ingetrokken.

Ontslagen vallen er niet, maar zakelijk operadirecteur Truze Lodder gaat met pensioen zodra de nieuwe algemeen directeur in functie is.

Consequentie is dat de spelers die overblijven bij Het Muziektheater, belangrijker worden. De capaciteiten van Ted Brandsen en Pierre Audi als directeuren ballet en opera roepen geen twijfel op; zij zijn beiden al lang verbonden aan hun gezelschappen en aan Het Muziektheater. „De nieuwe structuur betekent een verzwaring van verantwoordelijkheden, maar die accepteren we omdat de belangen van onze gezelschappen het beste gediend zijn in één bestuurlijke organisatie. En ik heb ook veel geleerd van de samenwerking met Truze Lodder, ik denk dat ik valkuilen wel zal herkennen”, aldus Audi.

„Het slagen van deze structuur hangt af van de mensen die haar invullen, maar dat is altijd zo”, erkent balletdirecteur Ted Brandsen.

Als het ergens wringt, is het daar. Want hoe lang Audi in Amsterdam aanblijft, is onzeker. Oorspronkelijk zou hij samen met Lodder vertrekken, als kroon op bijna 25 jaar samenwerking. Hij blijft nu toch aan, en het is waarschijnlijk dat hij zijn contract voor onbepaalde tijd minstens uitdient tot en met 2014, het jaar waarin zijn verbintenis als directeur van het Holland Festival afloopt – tenzij dat contract nogmaals wordt verlengd. Maar daarna?

„Als wij vertrekken, kan het zijn dat de directeuren ballet en opera meer concurrenten worden, maar nu is dat niet aan de orde”, aldus Audi.

Veel hangt af van de nieuwe algemeen directeur. Dat moet degene zijn die mogelijke wrijving tussen opera en ballet kan afwentelen, die het algemeen belang van Het Muziektheater dient en ervoor moet zorgen dat opera en ballet in de ogen van subsidiënten inderdaad op eigen merites beschouwd blijven worden.

Gezocht wordt niet specifiek naar iemand met een cultureel profiel, en terecht. Dat hij of zij een peoplemanager is met veel bestuurlijke ervaring, weegt straks veel zwaarder.