School kan kleiner, dus doe dat dan ook

Al jaren zijn politici het met elkaar eens dat leerfabrieken geen ideale scholen zijn. Het enige probleem is dat ze er niets tegen doen. Daarom noemt Jasper van Dijk drie concrete uitgangspunten.

Schaalvergroting werd in het onderwijs lange tijd gezien als een zegen – niet alleen vanwege de kostenbesparingen, maar ook omdat men werkelijk geloofde dat het zou leiden tot beter onderwijs. De afgelopen jaren is er gelukkig sprake van een kentering. Het was nota bene premier Rutte die het ronduit toegaf – de schaalvergroting in het onderwijs was een fout. De vraag is wel wat er concreet wordt ondernomen.

Ondanks alle mooie woorden blijft schaalvergroting prominent aanwezig in het land der bestuurders. Kijk bijvoorbeeld naar de recente plannen van diverse universiteiten om te fuseren. De Universiteit van Amsterdam en de Vrije Universiteit deden voorstellen in deze richting, net als de universiteiten van Leiden, Delft en Rotterdam. Het zou treurig zijn als deze gerenommeerde instellingen hun unieke identiteit verkwanselen vanwege de grootheidswaan van enkele bestuurders. Staatssecretaris Zijlstra (Onderwijs, VVD) zou het simpelweg moeten verbieden, maar hij aarzelt nog – het zou ook voordelen kunnen opleveren.

Dat schaalvergroting averechts uitpakt, blijkt uit het hoger beroepsonderwijs. Daar is de afgelopen 25 jaar actief aangezet tot fuseren. Van de vijfhonderd hogescholen zijn er nog circa vijftig over. Sommige hogescholen hebben meer dan 25.000 studenten. Voor bestuurders van deze anonieme leerfabrieken gaat het meer om rendement dan om kwaliteit. Een berucht voorbeeld is Hogeschool Inholland. Daar kregen studenten frauduleuze diploma’s, bleek in 2010. Deze affaire resulteerde in een dramatische periode voor het gehele hbo. Inmiddels zijn vergelijkbare praktijken ontdekt bij andere hogescholen, bijvoorbeeld Windesheim. Door wanbeleid is een heel onderwijstype in diskrediet geraakt. Dit los je niet op met lapmaatregelen als extra toezicht. Er moet naar het stelsel zelf worden gekeken, bijvoorbeeld naar de – perverse – financiering, de autonomie van schoolbestuurders en: de schaalvergroting.

Het is de vraag of deze regering hierin zal slagen. Volgens de verantwoordelijke bewindslieden zou het te gecompliceerd zijn om gefuseerde scholen op te splitsen – niet alleen vanwege de kosten, maar ook vanwege de definitie. Hoe klein zouden scholen dan moeten worden?

Dit traineren moet ophouden. Als de politiek het zou willen, zijn er prima uitgangspunten voor schaalverkleining.

1Het onderzoek De bestuurlijke ontwikkeling van het Nederlandse onderwijs van de Onderwijsraad, uit 2008. Hierin staan werkbare ideeën over het bereiken van de menselijke maat in het onderwijs, inclusief een maximumaantal leerlingen per school.

2De fusietoets, die regelt dat scholen streng worden getoetst als ze willen fuseren. Een fusie kan bijvoorbeeld geen doorgang vinden als hierdoor het keuzeaanbod van scholen te zeer afneemt of als er geen draagvlak is. Om draagvlak te garanderen, lijkt het mij goed dat alle betrokkenen – leraren, studenten – instemmingsrecht krijgen als scholen of universiteiten willen fuseren.

3De voorstellen van hoogleraar accountancy Jan Bouwens van de Universiteit van Tilburg en docent Jan Willem Bruins van Windesheim. Zij verwijzen naar onderzoek waaruit blijkt dat er geen schaalvoordelen meer zijn als een organisatie meer dan driehonderd personeelsleden telt. Hun onderzoek naar overhead en bureaucratie is onthullend. Hieruit blijkt dat scholen niet meer dan een kwart van het onderwijsbudget besteden aan lesgeven. De Tweede Kamer heeft opdracht gegeven om deze berekeningswijze toe te passen op alle hogescholen. Mogelijk valt er veel geld te besparen als blijkt dat vele miljoenen euro’s verdwijnen in nodeloze onderwijsbureaucratie.

Laat deze uitgangspunten een eerste stap zijn op weg naar de menselijke maat in het onderwijs.

Jasper van Dijk is onderwijswoordvoerder voor de SP in de Tweede Kamer.