De vechtlust is groter dan ooit

Maxime Verhagen is spinnijdig. Mark Rutte denkt dat de economie verslechtert. Ministeries zijn bezig met plannetjes om Wilders tot harde keuzes te dwingen. Den Haag maakt zich op voor een zware tijd.

Hoe is het met Maxime?

De vraag heeft een ongemakkelijke lading nu vicepremier Verhagen (Economische Zaken, CDA) de laatste weken in een emotionele achtbaan zit. „Hij is zeer, zeer, zéér teleurgesteld”, zegt een CDA-bewindspersoon. „Hij pendelt tussen aangeslagen en spinnijdig”, vertelt een politieke vertrouweling.

De grillige gesteldheid van de vicepremier voegt een dimensie toe aan de toch al beladen stemming waarin Den Haag vooruitkijkt op de komende weken. Extra bezuinigingen, recessie, eurocrisis, Wilders met een nieuw boek: de politieke agenda bevat genoeg potentiële ingrediënten voor crisisberaad. Niet voor niets stelt de premier de verwachtingen naar beneden bij. „Ik denk dat het erger wordt”, zei Rutte zondag in Buitenhof over de economie.

Dat Verhagen zijn claim op het partijleiderschap introk, maakt het voor VVD en PVV moeilijk de interne verhoudingen in het CDA te taxeren. Beide partijen profiteren er tot nu toe van dat het CDA zijn klassieke rol – regisseur van het machtscentrum – niet meer aankan. Het centrum heeft geen macht meer. En sinds partijvoorzitter Peetoom haar vicepremier een oefening in nederigheid oplegde, is het erger geworden: loyaliteit van CDA-bewindslieden aan de partijlijn is niet langer vanzelfsprekend. „Ik betreur het dat de relaties in de partij zo zijn dat deze keuze nu al gemaakt moest worden”, zegt de Limburgse partijprominent René van der Linden, een bekende van Verhagen. Lees: de sfeer is bedorven en Maxime ten onrechte geslachtofferd.

Naar de buitenwereld houdt Verhagen zelf vol dat hij rationeel uitvoerder van het akkoord met VVD en PVV blijft. Maar binnenskamers maakte hij de laatste weken duidelijk dat hij zich „gepakt” voelt: de partij verwacht dat hij impopulair crisisbeleid uitvoert, maar misgunt hem nu al de eventuele beloning. Diverse CDA-bewindslieden hebben begrip voor zijn grieven. De partij vertoont dus alle trekken van een „onberekenbare bende”, zegt een lid van het kabinet. „Het is net de ondergang van het Romeinse Rijk”, aldus een CDA-bewindsman.

Niet dat alle vechtlust verdwenen is. Op ministeries circuleren plannetjes om Wilders te dwingen tot harde keuzes. Dat kan door extra bezuinigingen op de zorg te eisen, door sommige aspecten van het vreemdelingenbeleid (‘meer Mauro-achtige ophef’) uit te spelen, of door hem af te rekenen op schade die hij het bedrijfsleven in het buitenland zou berokkenen. Het is bijna allemaal eerder geprobeerd. Zonder succes. „We kunnen hem gewoon niet aan”, zegt een lid van het kabinet. Verhagen en andere CDA’ers blijven daarom volhouden dat bestuurlijke prestaties ten slotte meer effect zullen hebben dan armpje drukken met de PVV.

Er circuleert ook een andere variant om Wilders onder druk te houden. Een gevaar voor de PVV-leider, zegt een topambtenaar, is herschikking van het kabinet (PVV weg als gedoogpartner, linkse partijen erin) zonder tussentijdse verkiezingen. Dan verliest Wilders invloed en kan hij zijn populariteit niet verzilveren. „Dat is een gevaar voor Geert”, zegt VVD-prominent Robin Linschoten. „Ik denk dat hij er véél voor over heeft om mee te blijven doen.”

Ook signaleren topambtenaren hoopvol dat de afstand tussen Wilders en zijn Kamerfractie groeit. Veel PVV-Kamerleden doen normaal Kamerwerk, en zouden zich storen aan het gemak waarmee Wilders hun Haagse aanzien vergooit met tweets en ander spektakel. „Die frustratie speelt absoluut”, zegt Geert Tomlow, die in 2006 kandidaat-Kamerlid voor de PVV was en nog steeds contact met PVV-Kamerleden zegt te onderhouden. „Ik hoor hetzelfde geluid”, zegt Linschoten. De laatste affaire in de PVV-Limburg laat volgens Tomlow zien dat achter de partijdiscipline „een organisatorische chaos in de partij” schuilgaat.

Tomlow verwacht dat Wilders het kabinet dit voorjaar laat klappen, en voor liefhebbers van suspense is het een mooi detail dat de PVV-leider in april een nieuw boek in de VS uitbrengt. Marked for Death: Islam’s War Against the West and Me heeft alle trekken van een Amerikaans campagneboek, een genre dat er primair is voor politieke fondsenwerving. De timing is niet helemaal logisch. In april is de beslissing in de Republikeinse voorverkiezingen gevallen, en de kandidaat met de beste papieren, Mitt Romney, sprak in Iowa over moslims als „vredelievende patriotten”. Aangezien conservatieve media zich doorgaans schikken naar de Republikeinse kandidaat, zal de belangstelling voor Wilders’ islamkritiek dit jaar vermoedelijk minder zijn dan rond de ‘Ground Zero Mosque’ in 2010.

Het neemt niet weg dat de PVV nog altijd een krachtige electorale onderstroom vertegenwoordigt. De laatste kwartaalrapportage van het Sociaal en Cultureel Planbureau (Burgerperspectieven, 5 januari 2012) laat zien dat Nederlanders na drie jaar economische problemen nog altijd bezorgder zijn over culturele thema’s (‘samenleven, normen en waarden’) dan over inkomen en economie. Net als in de VS zorgt in Nederland het populisme ervoor dat welvaartsverdeling ondergeschikt raakt aan nationale cultuur: wie breekt met de PVV, breekt met het nieuwe Nederland.