Amsterdam lijdt onder de toeristen

Amsterdam gaat de massale feesten wat beperken. Maar een groter probleem zijn de massa’s toeristen.

Amsterdam moet leefbaar blijven.

Het stadsbestuur van Amsterdam heeft voor de viering van Koninginnedag in 2012 maatregelen genomen tegen bezoekersoverlast door massafeesten te verbieden. Daarmee wil het stadsbestuur het bezoekersaantal in de binnenstad van 800.000 op de Koninginnedag van 2011 terugbrengen naar een aanvaardbaar niveau.

Maar wat gaat de gemeente Amsterdam doen tegen de almaar toenemende toeristenoverlast in de Amsterdamse binnenstad?

Net zoals Venetië het omslagpunt van een leefbare en toegankelijke stad decennia geleden al is gepasseerd, zo bereiken ook binnensteden van Amsterdam, Brugge en Maastricht het omslagpunt van ontoegankelijkheid door de enorme toeristendruk. Waren het eerst slechts Amerikanen en Japanners die massaal naar West-Europese steden kwamen, nu voegen zich daar ook Chinezen bij.

De Amsterdamse grachtengordelstaat inmiddels op de wereldlijst van culturele erfgoederen van de VN-cultuurorganisatie UNESCO en wekt daardoor net zoals een restaurant met een Michelinster een ongekende belangstelling. De vraag is of het stadsbestuur daar blij mee moet zijn. Een sterrenrestaurant kan gasten de toegang weigeren wegens een overvolle bezetting. Amsterdam kan echter niet zomaar de stadspoorten sluiten voor de toestroom van toeristen. De prangende vraag is of door de toenemende toeristendruk de binnensteden op een goed voorzieningenniveau en leefbaar kunnen blijven.

Door de groei van de Amsterdamse bevolking (met ca. 10.000 per jaar) en het toerisme nemen de onroerendgoedprijzen in Amsterdam almaar toe en verdwijnen functies die eeuwenlang waren ondergebracht in het binnenstedelijk gebied. Handelsbedrijven, de rechtbank, hogeronderwijsinstellingen, de openbare bibliotheek, enkele ziekenhuizen en de dienstensector zijn inmiddels uit het binnenstedelijk gebied verdwenen, zodat de verkeersdruk die hiermee samenhangt is afgenomen. Wat er nu voor terugkomt, is voornamelijk gelieerd aan de toeristensector, die niet minder mobiliteit genereert.

Steeds vaker worden de functies wonen en kantoren binnen de Amsterdamse grachtengordel gewijzigd in de functie hotel, souvenir- en sexshop, galerie of restaurant dan wel bijzondere doeleinden. De consequentie daarvan is meer verkeers- en geluidsoverlast op de grachten door af- en aanrijden van taxibusjes met luidruchtige toeristen met als gevolg oponthoud voor het overige bestemmingsverkeer.

Dat moet en kan ook anders door hotelaccommodaties en overige overlastgevende toeristische activiteiten in de beter bereikbare locaties in de perifere gebieden van Amsterdam onder te brengen. Het spreiden en integreren van functies – ook in de zogenaamde probleemgebieden – leidt tot een verbetering van de leefbaarheid en een verhoging van de belevingswaarde van de stad in zijn geheel.

Niet slechts over het geplaveide gedeelte van de grachten neemt de verkeersdruk toe, iedere toerist wil ook met een boot door de Amsterdamse grachtengordel varen. De wens van reders om meer opstap- en afstapplekken in de stad is vanuit bedrijfseconomische overwegingen verklaarbaar, maar legt een onaanvaardbare claim op het vaargebied en de verkeerscirculatie in de binnenstad. De geplande aanlegplaats voor rondvaartboten bij de Noordermarkt zal deze buurt onaanvaardbaar ontwrichten.

De gemeente Amsterdam doet er derhalve verstandig aan om het aantal opstappunten van reders beperkt te houden tot de huidige situatie. Het is tevens zaak om te onderzoeken of (delen van) het oorspronkelijke grachtenstelsel in ere kan worden hersteld; door het openleggen van bijvoorbeeld de Elandsgracht, Lindengracht, Palmgracht of de Nieuwezijds Voorburgwal. Deze ingreep moet niet slechts worden opgevat als een alternatieve vaarroute voor rondvaarten, maar vooral als oplossing om het relatief schone hemelwater van de Amsterdamse binnenstad middels een eenvoudig rioleringsysteem op de grachten te lozen, zodat het langer wordt vastgehouden voordat het buitengebied daarmee wordt belast.

Naast de Amsterdamse binnenstad moet ook het transformeren van binnensteden van bijvoorbeeld Brugge, Brussel, Antwerpen, Maastricht of Amersfoort tot een monofunctioneel toeristisch gebied een halt worden toegeroepen. Het cultuurhistorische beeld van de klassieke Europese stad wordt er blijvend door geschaad. De leefbaarheid en de belevingswaarde alsook de sociale controle van binnensteden zijn eerder gebaat bij een vermenging van allerlei functies – voorzover die geen stank- en geluidsoverlast veroorzaken. Bovenal moeten de grootstadse voorzieningen in de binnenstad voor alle inwoners, ook van de buitenwijken, toegankelijk blijven.

Leo Q. Onderwater is architect en publicist.