Uiterst links en rechts profiteren

Minder dan honderd dagen voor de eerste ronde van de presidentsverkiezingen lijken het vooral de populisten die politiek garen spinnen bij de afwaardering van Frankrijks kredietwaardigheid.

„We hebben het toch maar mooi overleefd.” Jérôme (29) kan er op deze ‘blauwe maandag’ nog om lachen, als hem wordt gevraagd hoe hij het eerste Franse weekeinde zonder AAA-status is doorgekomen. Hij is freelance copywriter in de reclamesector en voor hem is het al twee jaar crisis: zijn grootste wens is ergens aan een vaste baan te geraken, maar dat wil maar niet lukken.

„Het is de eindjes aan elkaar knopen, leven van opdracht naar opdracht”, zegt hij terwijl hij aan een espresso slurpt. „Dat lukt, tot nu toe, en zolang ik van de kruimels van de reclamebureaus kan leven ben ik blij, want ik doe dit graag. Maar het moet wel niet veel erger worden met die crisis.” De frons in zijn grote voorhoofd verraadt dat hij zich wel degelijk zorgen maakt.

Toch denkt Jérôme niet dat de afwaardering onmiddellijke gevolgen zal hebben voor hem. Hij gelooft ook wel wat de Franse minister van Financiën Baroin eerder al zei, en wat door tal van economen dit weekeinde tot vervelens toe is herhaald: dat deze zet van Standard & Poor’s al was ingecalculeerd door de markten, dat Frankrijk al minstens een half jaar tegen hogere tarieven leent dan bijvoorbeeld Duitsland, dat de gevolgen voor het Europese noodfonds erger kunnen zijn dan die voor Frankrijk op zich, en dat een beoordeling van AA+ nog altijd gelijkstaat met 9,5/10 op het Franse schoolrapport. Het is niet alsof het Franse waardepapier plots de junkstatus heeft gekregen. Jérôme weet alle relativeringen netjes op te sommen.

Toch vraagt Jérôme zich af wie baat heeft bij dit alles. „Soms lijkt het wel een spel. Als jullie niet gehoorzaam zijn, trekken we een half puntje af. Maar welke zaak wordt hier mee gediend? En vooral: wie verdient hier geld mee? Dat vraag ik me af.”

In station Gare du Nord worden vragen over de afwaardering nog het vaakst zonder woorden beantwoord: schouderophalend. Of met een verontschuldigend gemompeld „kan mij het schelen”, of een onbegrijpend „het is allemaal politiek”.

Op minder dan honderd dagen van de eerste ronde van de presidentsverkiezingen waren de meeste kandidaten er erg snel bij om hun mening te ventileren over de afwaardering. S&P gaf zo het officieuze startschot voor een tot dan erg tamme campagne, waarin het vaak over de poppetjes en zelden over de inhoud ging. Ook nu weer blonken de meeste politici uit in zwartepieten: het is de schuld van de ander.

Voor de socialistische kandidaat François Hollande, de gedoodverfde winnaar van de verkiezingen, is dit niet een afwaardering van Frankrijk, maar een afwaardering van de politiek van Nicolas Sarkozy.

De president zelf sprak zich slechts terloops uit. Op werkbezoek in Ambroise zei hij dat de Fransen meer dan ooit moed moeten tonen om te hervormen, dat alleen zo deze crisis kan worden overwonnen. Sarkozy vertrok vanochtend voor een werkbezoek naar Spanje, een land dat nog veel erger is getroffen door de crisis. Dat bezoek was al veel langer gepland, maar critici zagen er graag symboliek in.

Hoewel de socialisten Sarkozy al langer aanvallen op de oplopende staatsschuld, is het voorlopig niet de PS-kandidaat die garen spint bij de afwaardering. Uit een peiling die vanochtend verscheen in de krant Libération blijkt dat de ‘antisysteemkandidaten’ het meest profiteren. Daar rekenen de Fransen ook François Bayrou bij, de middenkandidaat die op 22 april hoopt nog beter te doen dan de 18,5 procent die hij vijf jaar geleden haalde. Bayrou, tot voor kort geleden onzichtbaar in de peilingen, scoort nu circa 15 procent.

Maar het zijn toch vooral de populistische partijen die in de lift zitten. Marine Le Pen van het rechts-nationalistische Front National liet niet na erop te wijzen dat Bayrou drie keer minister is geweest. Zij profileert zich als het enige echte alternatief voor de ‘UMPS’ – voor haar zijn de traditionele partijen inwisselbaar.

Ook op extreem-links is er een winnaar: Jean-Luc Mélenchon van het Front de Gauche, die sinds vrijdag elke avond actie voert voor het Parijse kantoor van S&P. „Wij gaan de ratingbureaus het land uitjagen, zoals de Tunesiërs hebben gedaan met Ben Ali”, aldus Mélenchon. Hij won dit weekeinde 2 punten in de peilingen en scoort nu 8,5 procent.

Dat de financiële markten minder belang hechten aan de afwaardering door S&P bleek vanochtend op Euronext Parijs: de Franse beursindex CAC-40 bleef nagenoeg ongewijzigd, terwijl Moody’s, een andere kredietbeoordelaar, verzekerde dat de AAA van Frankrijk voor hen niet in gevaar is. De ene status is de andere niet.