'Oppositie' keert terug in Kazachstan

Twee oppositiepartijen hebben gisteren bij de parlementsverkiezingen in Kazachstan de kiesdrempel (7 procent) gehaald.

Daarmee komt een eind aan de eenpartijstaat die Kazachstan de laatste vijf jaar was, op papier althans. De partij van president Nazarbajev, Stralend Vaderland, kreeg een overweldigende meerderheid van, volgens voorlopige uitslagen, 80,7 procent van de stemmen.

De oppositiepartijen die de kiesdrempel hebben gehaald , de ondernemerspartij Ak Zjol (7,46 procent) en de Communistische Partij (7,2 zijn beide loyaal aan de 71-jarige leider Nazarbajev. Partijen van wie wel oppositie werd verwacht, mochten niet meedoen of haalden de kiesdrempel niet.

Volgens de OVSE voldoen de verkiezingen niet aan de fundamentele eisen voor een vrije stembusgang.

De verkiezingen stonden oorspronkelijk gepland voor de zomer. Maar Nazarbajev vervroegde ze om tegemoet te komen aan de groeiende kritiek op zijn regime, uit binnen- en buitenland.

Nazarbajev regeert al twintig jaar als een monarch over het olierijke Centraal-Aziatische land. De oppositie verloor bij de laatste verkiezingen, in 2007 haar laatste zetel.

Maar de onvrede daarover groeit sterk de laatste weken. In het westen van het land waren diverse protesten. Nazarbajev decreteerde daarna dat er in elk geval één oppositiepartij na de verkiezingen in het parlement, de Majilis, moest zitten.