'Ik heb hoop om te lopen niet verloren'

Een ongelukkige botsing op de training maakte een eind aan de carrière van Utrecht-linksback Mihai Nesu. Nog altijd kan de Roemeen alleen zijn rechterarm bewegen.

Mihai Nesu besefte direct na zijn operatie, waarbij een gebroken nekwervel was vastgezet, dat zijn voetballoopbaan voorbij was. Maar de 28-jarige Roemeen weigerde te geloven dat hij nooit meer een normaal leven zou kunnen leiden. De onfortuinlijke botsing met ploeggenoot Alje Schut, afgelopen voorjaar, had zoveel schade aangericht dat de de Roemeen volgens artsen zelfs nooit meer zelfstandig zou kunnen ademen. De kans op herstel van zijn lichaamsfuncties achtten zij gering.

„Een week na het ongeluk ademde ik al zelf”, vertelt Nesu in zijn woonkamer in Utrecht. „Ik had zelf verwacht dat ik na zes tot acht maanden weer als een gewoon iemand zou kunnen functioneren.”

Hij zucht. „Wat dat betreft gaat het allemaal langzamer dan ik had verwacht.”

De voormalige linksback van FC Utrecht kan alleen zijn rechterarm bewegen – een stevige handdruk geven zit er nog niet in. Het gevoel in zijn linkerarm komt heel langzaam weer op gang. De rest van zijn lichaam is gevoelloos. De revalidatie in de De Hoogstraat in Utrecht is stopgezet. Nesu doet nu thuis een paar keer per week oefeningen. „De doktoren hebben me uitgelegd dat het herstel van zenuwen een heel lastig proces is. Dat vergt veel tijd. Ik heb de hoop weer te leren lopen niet verloren. Een voetballer met een blessure kan zichzelf tijdens de revalidatie een doel stellen. Maar ik kan alleen maar wachten. Dat is frustrerend. Het kan nog maanden of zelfs jaren duren voordat alles weer goed is. Ik heb er moeite mee dat ik afhankelijk van anderen ben. Ik leef van dag tot dag en probeer zoveel mogelijk aan andere dingen te denken.”

De datum 10 mei 2011 zal voor Nesu altijd in zijn gedachten blijven als de dag dat zijn leven binnen een paar seconden totaal veranderde. „Het is moeilijk voor me om dat moment precies terug te halen”, zegt Nesu in vloeiend Engels. „Het ging allemaal zo erg snel. Na het duel met Schut snakte ik na zuurstof. Ik wist gelijk dat dit heel ernstig was. Ik voelde mijn lichaam totaal niet meer. Dan besef je dat het mis is. Het was een heel ongelukkig moment. Ik ben naar mijn weten de eerste profvoetballer die dit is overkomen.”

Nesu houdt even stil en zegt dan glimlachend: „En waarschijnlijk ook de laatste.”

Nesu weet uit ervaring dat er bij andere sporten wel vergelijkbare gevallen bekend zijn. „Gek genoeg is een vriend van mij die professioneel rugby speelde vijf jaar geleden hetzelfde overkomen. Hij raakte in de laatste minuut van een wedstrijd zwaar geblesseerd en kwam in een rolstoel terecht. Hij is nu verder dan de doktoren ooit voor mogelijk hadden gehouden. Daar put ik ook mijn kracht uit. Ik heb regelmatig via e-mail contact met hem. Hij geeft me tips. Hij heeft ervaringen opgedaan die ik kan gebruiken.”

Nesu kijkt naar eigen zeggen acht maanden na de botsing anders tegen het leven aan. „De eerste maanden waren heel onwerkelijk. Ik dacht toen steeds dat ik de volgende dag wel weer zou kunnen lopen. Na een maand of vier is het besef gekomen dat het een lange weg zou worden. Ik ben als persoon anders gaan denken over het leven. Ik ben eigenlijk veel meer ontspannen geworden. Ik word niet meer boos als er kleine dingen fout gaan. Ik heb wel leren relativeren. Een jaar geleden had ik de hoop nog lang op het hoogste niveau te kunnen spelen en daarna de wereld over te reizen. Maar mijn leven en dat van mijn vrouw is compleet veranderd. Zo weten we niet of we ooit nog terug zullen gaan naar Roemenië. Ik droom nog van twee levens, eentje dat heel normaal is en een zo goed mogelijk leven in een rolstoel.”

De afgelopen maanden is Nesu tot de conclusie gekomen dat hij zijn bekendheid wil gebruiken om het leven van gehandicapten in zijn geboorteland Roemenië draaglijker te maken. Met de Mihai Nesu Foundation wil hij geld inzamelen om verbeteringen door te kunnen voeren. „Een maand voor mijn ongeluk was ik nog als speler van FC Utrecht op bezoek bij patiënten in De Hoogstraat. Toen realiseerde ik me niet waar deze mensen echt behoefte aan hadden. Ik besef nu als geen ander wat mensen nodig hebben die in een rolstoel zitten. Ik heb geluk gehad dat ik in Nederland woon. In Roemenië is het leven veel minder ingericht op mensen met een handicap. Maar het is belangrijk dat mensen in een rolstoel ook naar school gaan of een bioscoop kunnen bezoeken. Het is niet goed om de hele dag thuis te zitten.”

Nesu volgt zijn collega’s bij FC Utrecht dit seizoen nog steeds van nabij. Halverwege het vraaggesprek tikt hij met een stokje in zijn mond op de smartphone die voor hem hangt. Nesu heeft binnen een paar tellen de tussenstand van een vriendschappelijk duel tussen FC Utrecht en FC Zürich voor zich staan. Het doet hem deugd dat verdediger Mark van der Maarel heeft gescoord.

„De eerste maand na het ongeluk was het vanwege mijn gezondheid heel moeilijk om naar voetbal te kijken”, legt Nesu uit. „Maar ik ga nu graag naar het stadion. Het was prachtig om bij FC Utrecht-Ajax [6-4] aanwezig te zijn. En het deed me veel dat de spelers zeiden dat ze die wedstrijd voor mij gewonnen hadden. Ik zou graag geloven dat ik ze extra kracht geef, maar dat betwijfel ik. Ik was er ook tegen Feyenoord. Toen werd het slechts 2-2.”

Ondanks het besef dat Nesu zelf nooit meer een bal zal trappen, is de liefde voor het voetbal niet verdwenen.

„Voetbal zal altijd mijn passie blijven. Het zal altijd een rol in mijn leven spelen”, zegt de vijfvoudig Roemeens international gedecideerd. „Ik heb in totaal tien jaar bij Steaua Boekarest en FC Utrecht gevoetbald. Ik ben twee keer kampioen van Roemenië geweest, heb twee keer de Roemeense beker gewonnen, heb in de Champions League en in de Europa League gespeeld. Toen ik begon was ik ‘de zoon van oud-voetballer Mircea Nesu’. Maar na een jaar of vijf was hij ‘de vader van Mihai Nesu’. Ik ben er in ieder geval trots op dat ik hem als voetballer voorbij ben gestreefd. Dat pakken ze me nooit meer af.”