Ontdekking van hormoon dat stilzitter gewicht laat verliezen

Onderzoekers van de Harvard Medical School hebben een hormoon ontdekt dat een gunstige uitwerking op de stofwisseling heeft. Het heet irisine, komt vrij tijdens lichaamsbeweging en verhoogt het energieverbruik van het lichaam. Na toediening van extra irisine vallen dikke muizen zonder lichaamsbeweging af en neemt hun kans op diabetes type 2 af. Irisine zou dus bruikbaar kunnen zijn voor de behandeling van mensen met overgewicht die niet kunnen of willen bewegen. (Nature online, 12 januari).

Er is al veel bekend over de manier waarop lichaamsbeweging de stofwisseling gunstig beïnvloedt. Zo ontdekte dezelfde groep in 1998 dat tijdens spierarbeid het eiwit PGC1-alfa wordt gevormd. In de daarop volgende jaren bleek dat dit eiwit als een soort hoofdschakelaar tal van gunstige processen op gang brengt. Spieren raken beter doorbloed en het aantal mitochondriën, de energiecentrales van de cel, in de spiercellen neemt erdoor toe. Hierdoor kunnen ze beter presteren. Maar ook elders in het lichaam werkt de toename van PGC1-alfa door. Daarom gingen de onderzoekers na of er wellicht een hormoon is dat hiervoor zorgt. Dat hormoon hebben ze gevonden en irisine gedoopt, naar Iris, de boodschapster van de Griekse goden. Het wordt afgesplitst van een spiereiwit waarvan de synthese onder invloed van PGC1-alfa toeneemt.

Een van de belangrijkste effecten van irisine is dat het wit vet omzet in bruin vet. Wanneer bruin vet wordt afgebroken vloeien de erin opgeslagen calorieën af in de vorm van warmte. En dat is extra, want die calorieën komen bovenop de calorieën die voor de spieractiviteit nodig zijn. Daarnaast heeft het een gunstig effect op de glucosehuishouding en vermindert het de kans dat muizen die op een vetrijk dieet leven diabetes krijgen.

Toen het hormoon eenmaal bij muizen was ontdekt, zijn de onderzoekers nagegaan of hij ook bij mensen voorkomt. Dat bleek het geval. De menselijke vorm van irisine is zelfs identiek aan die van muizen. Dat vergroot het optimisme van de onderzoekers over zijn therapeutische mogelijkheden bij het tegengaan van welvaartsziekten.

Voorzichtigheid is wel geboden. In 1994 werd ontdekt dat vetweefsel het hormoon leptine produceert dat bij muizen de eetlust remt. Maar bij dikke mensen werkte het nauwelijks.

Huup Dassen