Niemand herkent de voetbalgod Poortvliet

DAVID: Het was net als het doelpunt van Cruijff bij zijn terugkeer tegen Haarlem in 1981!

SIMON: Niets zal ooit als dat doelpunt zijn.

DAVID: Het doelpunt van Thierry Henry bij zijn terugkeer bij Arsenal wel.

SIMON: Weet je dat ik in 1981 bijna die wedstrijd zag? Ik was toen twaalf, en belde naar Ajax om kaartjes te bestellen. De dame bij Ajax zei: ‘Je hoeft niet te bestellen, want Ajax-Haarlem is nooit uitverkocht, ook niet met Cruijff’. Dus we gingen gewoon. En het was uitverkocht.

DAVID: Ik zag het doelpunt van Henry vorige week in de pub. Iedereen was in tranen.

SIMON: Jij ook?

DAVID: Misschien dat er een druppeltje vocht bij zat. Ik bedoel, zelfs Lazarus maakte bij zijn terugkeer niet het winnende doelpunt tegen Leeds met zijn vijfde balcontact.

SIMON: Een profvoetballer die met een intikker tegen Leeds scoort is volgens mij niet precies hetzelfde als iemand die uit de dood wederkeert.

DAVID: Het is wel hetzelfde. Thierry Henry voetbalde in de VS, wat in voetbaltermen hetzelfde is als dood zijn. Trouwens, het doelpunt was niet eens het mooiste moment van de avond.

SIMON: Wat dan wel?

DAVID: Zijn gejuich na het doelpunt, dat overigens helemaal geen intikker was. Hij rende in het rond en omhelsde iedereen als een dolblij kind. Na afloop zei hij dat hij zo had gereageerd omdat hij voorheen altijd speler was geweest, maar dat hij zich nu fan voelde. Dat vond ik best subversief.

SIMON: Hoezo?

DAVID: Nou, het is als dat moment in The Purple Rose of Cairo als de filmster uit het scherm stapt, omdat hij verliefd is geworden op het meisje in het publiek.

SIMON: Je vereenzelvigde jezelf altijd met Woody Allen, en nu word je plotseling Mia Farrow?

DAVID: Ik bedoel, het onderscheid tussen acteur en publiek verdween op dat moment. De voetballer werd één van ons. Dat is best revolutionair.

SIMON: Thierry Henry is niet revolutionair. Een voetballer wordt nooit deel van het publiek. Dat is namelijk taboe. Het enige is: Henry heeft een zeer goede werknemer-werkgever verhouding met Arsenal. Dat emotioneerde hem eventjes.

DAVID: Je bedoelt, zoals iemand die voor een bank werkt ook van zijn baan kan houden?

SIMON: Precies.

DAVID: Kom op, zeg. Dit gaat veel dieper.

SIMON: De vraag is: gedroeg Henry zich als Diego Maradona op het WK 2006?

DAVID: Maradona speelde niet op het WK 2006.

SIMON: Juist. Hij zat er als fan: als een rare kleine dikke dronken supporter op de tribune, zijn Argentiniëshirt over zijn bierbuik gespannen, die meesprong met het liedje, ‘Wie niet springt, die is een Engelsman’. Het was onvoorstelbaar dat deze fan ooit door de halve Engelse ploeg heen had gedribbeld. Cruijff of Beckenbauer had het nooit gekund, fan worden.

DAVID: Waarom kon Maradona het dan wel?

SIMON: Het helpt als je volledig onder de coke zit. Maar voor de rest blijven voetballers altijd profs. Ze worden geen fan.

DAVID: Henry wel.

SIMON: Nee hoor. Een vriend van mij die Sunderland-fan is zei het goed. Hij werkte even als sportjournalist, en stond een keer voor een wedstrijd in de spelerstunnel. En toen hij de Sunderland-spelers daar zag staan, besefte hij ineens: voor hen is dit gewoon een baan. Op dat moment verdween voor hem de magie.

DAVID: Volgens jou kan dus alleen Maradona het gat tussen spelers en fans overbruggen.

SIMON: Nee, Maradona én Jan Poortvliet.

DAVID: Poortvliet die in ’78 voor Nederland in de WK-finale speelde?

SIMON: Helaas is dat het enige dat iedereen van Poortvliet weet. Tegenwoordig is hij een doodgewoon lid van het Oranjelegioen, die bij wedstrijden op de tribune zit, het shirt draagt en meezingt met de andere fans die geen weet hebben dat de gozer die onder hen loopt een voetbalgod is.

Simon kuper en david winner