Keurmerkwijn

Wat zijn er een boel keurmerken voor biologische wijn, vindt Harold Hamersma.

Begin dit jaar doken er berichten in de pers op over fictieve bioboerderijen. Onder de belofte van mooie cadeaus (‘Neem twee grote boodschappentassen mee om ze in te doen!’) werden argeloze consumenten op bioboerderij Horst Janssen of bioboerderij Boomstra uitgenodigd om ‘biodelicatessen en specialiteiten’ te komen proeven. Wie reageer-de, werd echter naar een zaaltje in de eigen woonplaats gedirigeerd voor verkoopdemonstraties van allerhande producten die niets met bio-logische voeding te maken hadden.

Daar werd, alvorens de tas was gevuld, eerst de portemonnee geleegd. Verschillende bezoekers berichtten dat zij, behalve met wat blikjes ananas en een zakje noedels, ook thuis waren gekomen met een biomatras met magneetjes à 990 euro. Voornoemde bioboerderijen bleken zelfs helemaal niet te bestaan en waren uit de koker gekomen van Noord-West Touristik in Denekamp, tevens voor al uw reumakussens, ingestraald water en geneeskrachtige armbanden.

Het leidde tot een klacht bij de Reclame Code Commissie, ingediend door Bionext, een ketenorga-nisatie die zich inzet voor duurzame, biologische landbouw en voeding. Opvallend genoeg overigens niet vanwege die oplichterij met het biomatras, maar omdat de genoemde boerderijen niet waren aangesloten bij Skal, waartoe alle biologische bedrijven in Nederland verplicht zijn. Skal heeft als doelstelling het bevorderen van de juiste aanduiding van biologisch voortgebrachte producten. Wie aan de eisen voldoet, mag het EKO-keurmerk voeren.

Nu klinkt zo’n certificering lekker overzichtelijk maar dat is het verre van. Helemaal niet als het wijn betreft. Begin 2008 publiceerde The Financial Times een duizelingwekkende lijst met biologische keurmerken die wereldwijd in omloop zijn.

In Europa is het niet veel duidelijker. ‘Brussel’ komt nog niet verder dan dat er afspraken zijn gemaakt over wat biologisch geteelde druiven zijn. En de EU denkt tot augustus van dit jaar nodig te hebben om te kunnen bepalen wat er nog aan de most (het te vergisten druivensap) mag worden toegevoegd. Toch komen we in Nederland al een keur aan keurmerken tegen, waaronder EKO, Ecocert, Ecovin, AIAB en Demeter. Laatstgenoemde mag alleen gebruikt worden voor biologisch-dynamische wijnen, gemaakt volgens de antroposofische principes van Rudolf Steiner. Een Demeter-boer bedient zich niet alleen van homeopathische preparaten, maar roept tevens de hulp in van hoger hand. De stand der planeten, aardstralen en eb en vloed zijn allemaal van invloed op groei-, snoei- en oogstmomenten.

Er zijn ook boeren die zich onder geen enkel keurmerk wensen te laten vangen. Vanwege ‘te duur’. Want die papierwinkel kost geld. Maar vooral vanwege ‘niet streng genoeg’. Biologisch geteelde druiven gebruiken is één, maar biologische wijn maken gebeurt in de kelder, vinden zij. Zwavelen (toegestaan bij de productie van biologische wijn, zij het in kleinere doses), filteren (is ingrijpen in de natuur) en fabrieksgisten (natuurlijke gisten zijn onvoorspelbaar) minimaliseren zij of zweren zij af. Alleen op deze manier geproduceerde wijnen doen voor de volle 100 procent recht aan het ‘terroir’, vinden zij.

Hoe dan ook, onduidelijkheid troef. Het blad Drinks Slijtersvakblad schreef onlangs dat het begrip ‘biologische wijn’ voor augustus 2012 zelfs nog helemaal niet gebruikt mag worden. En als dat toch op het etiket staat, dat er dan welbeschouwd sprake is van een economisch delict.

Terug naar de natuur. We hebben nog een lange weg te gaan.

Château Pech-Redon 2007 Coteaux du Languedoc La Clape L’épervier rouge, 11,90 euro via Vinoblesse. Vinoblesse.nl