In Nigeria demonstreert de middenklasse mee

Het is een nieuwe generatie, de jonge middenklasse, die zich nu in Nigeria verzet tegen de afschaffing van de brandstofsubsidie.

Nigeria kwam deze week tot stilstand door de massale stakingen en protesten tegen het besluit van president Goodluck Jonathan om de brandstofsubsidie af te schaffen. Tienduizenden Nigerianen gingen de straat op, van de zuidelijke stad Lagos tot Maiduguri in het uiterste noordoosten van het land. Aanvankelijk waren het vooral arme sjacheraars die protesteerden. Maar nu staan er lange rijen auto’s en dure motorfietsen bij de demonstraties geparkeerd. Dit zijn demonstranten uit de middenklasse, die sociale media gebruiken om betogingen te organiseren en elkaar te informeren. Al dagen is #occupynigeria het trending topic op Twitter in Nigeria.

Blogger Jeremy Weat schrijft: „Met Occupy Nigeria zijn we getuige van een overgang tussen generaties, nu jonge activisten, die weten hoe ze sociale media moeten gebruiken, langzaamaan de wapenstok overnemen van de vakbonden. De jonge bevolking van Nigeria laat de eerbiedige houding van hun ouders’ generatie steeds meer varen.”

De protesten verlopen grotendeels vreedzaam, ongebruikelijk voor een land waar geweld even normaal is als het uitvallen van de stroom. In Lagos kwamen tienduizenden mensen samen in het Gani Fawehinmi Park, waar aan carnavaleske sfeer hing.

Het lijkt erop dat president Jonathan de reactie van de bevolking heeft onderschat, wat aantoont hoe groot de kloof is tussen de puissant rijke politieke elite en de doorsnee Nigeriaan, die moet rondkomen van 2 dollar per dag. Afschaffing van de subsidie heeft een enorme impact. Nigerianen gebruiken brandstof niet alleen voor auto’s en motorfietsen, maar ook voor de generatoren die huishoudens en bedrijven draaiende houden als de stroom uitvalt.

Na het afschaffen van de subsidies is de brandstofprijs gestegen van 35 eurocent per liter naar 75 cent per liter. En de prijzen voor voedsel en transport zijn verdubbeld. Tijdens een betoging in Lagos zei pastoor Tunde Bakare dat de regering „hard werkt om de kruimels te verwijderen waar de bevolking op leeft”.

De belangrijkste vakbond van de olie-industrie voerde de druk op met de aankondiging zondag de olieproductie stil te leggen als de regering haar besluit niet terugdraait. Analisten denken dat het zo’n vaart niet zal lopen, aangezien de olieproductie grotendeels is geautomatiseerd.

Toch heeft de bedreiging van de olieproductie, die de regering 80 procent van haar inkomsten bezorgt, de president naar de onderhandelingstafel gedreven. De grootste vakbonden kondigden gisteren aan dat de stakingen dit weekeinde worden opgeschort, zodat vakbondsleiders naar de hoofdstad Abuja kunnen afreizen om te kunnen onderhandelen met de regering.