Baardwekend recinit

Uit een Amerikaanse krant herinner ik me een rubriek met de kop Where are they now? Intussen verdwenen. Het ging over beroemdheden van destijds, intussen nog beroemder of onherstelbaar aan lager wal geraakt. In ieder geval human interest, alles wat een sterveling over een andere sterveling kan interesseren. Je kon er een voorbeeld aan nemen, je verkneuteren aan leedvermaak, dat maakte geen verschil. Het was nieuws zonder een morele lading. Op de keper beschouwd puur drama. Het leven van deze mensen had een beslissende wending genomen, en daarover willen de meeste andere mensen het naadje van de kous weten.

Nu hebben we er in deze prachtige krant weer een nieuw katern bij: MENS&. Daarin staat het menselijk gedrag centraal. De mens leert, werkt, zoekt, wint of verliest, nog veel meer, maar in ieder geval: Ecce homo! Drama tot in de hoogste concentratie. Een goed idee. Op pagina twee het eerste voorbeeld. Deze jongeman was redacteur wetenschap. Hij wilde iets anders. Bij de koffieautomaat kwam hij een lid van de hoofdredactie tegen. Ze bespraken de mogelijkheden. Nu is hij leraar basisonderwijs.

Opeens dacht ik aan die eenvoudige portier in een chic Amsterdams hotel. De hele dag koffers dragen, deuren open houden, mensen laten voorgaan, fooitjes incasseren, wat een portier verder doet. Daar komt een belangrijke gast uit Brazilië, die hem een seconde verbijsterd aankijkt en dan met een stem vol bewondering zegt: Wat bent u prachtig geschoren! Deze ontmoeting is voor de portier het begin van een nieuwe carrière. Later zien we zijn getekend portret in de krant met deze tekst: ‘Eens was ik een simpele Amsterdamse hotelportier. Nu ben ik president van Brazilië.’

Het is een reclame van de Dobbelman fabriek, voor de bijzondere Castella scheerzeep met ‘baardwekend recinit’. Het was aan het begin van de oorlog. Iedere week verscheen er een aflevering waarin iemand met een nederig beroep door een toevallige ontmoeting met een invloedrijk persoon plotseling een fabelachtige carrière maakte, dankzij dit ‘baardwekend recinit’. Een vuilnisman werd directeur van de Nederlandse Spoorwegen, een bakkersknecht klom op tot Chef Staf van de landmacht. Ik noem maar wat. De serie was bedacht door Karel Sartory (1906-1981) en werd geïllustreerd door Eppo Doeve (1907-1981) die ook nog Nederlandse bankbiljetten heeft ontworpen.

Sartory was een vrolijk genie. In het begin van de jaren vijftig ben ik uit eerbied voor zijn talent eens bij hem op bezoek gegaan, ergens aan de Willemsparkweg of de Koninginneweg. Hoe het is verlopen weet ik niet meer, maar in ieder geval viel het niet tegen. Wel herinner ik me dat hij onophoudelijk sigaretten rookte. Hij heeft ook de slagzin Chief Whip op ieders lip! bedacht. Doeve is later politiek tekenaar van Elseviers Weekblad geworden en hij was stamgast van Café Scheltema. Als hij er zin in had, tekende hij een bankbiljet voor je, van duizend of desnoods tienduizend gulden, met het portret van de koningin erop. Ook lang geleden.

Een essentieel verschil met deze tijd is, dat je toen geen koffieautomaten had. Twee maal in de ochtend deed een meisje, de koffiejuffrouw, haar ronde over de redactie en schonk je een kopje in, met of zonder melk en suiker. Achteraf bezien bracht het verschijnen van de koffieautomaat een revolutie in het kantoorleven. Plotseling was daar een onverdachte ontmoetingsplaats ontstaan. Terwijl je op de toetsen drukt, sterk, minder sterk, capuccino, espresso, met, zonder suiker, raak je in gesprek met degene die staat te wachten. Ook de grootste reis begint met de kleinste stap. Van het een komt het ander. Geluk en ongeluk liggen in kleine hoekjes. Het hoeft allemaal niet maar bij de koffieautomaat is de kans gegeven. En grijp je hem, dan is het te laat. Je hebt de grondslag gelegd voor een samenzwering tegen je chef. Of de aanzet tot een stoutmoedig plan gegeven. Of je bent verliefd geworden. Dit kunnen de eerste seconden van de beslissende wending zijn.

Zoals dat met alle moderne apparatuur gaat, de koffieautomaten zijn steeds ingewikkelder geworden. En doordat ze de meest onverdachte ontmoetingsplaats vormen, brengen ze ook een risico met zich mee. Wat we een goede gang van zaken noemen, handhaaft zich in negen van de tien gevallen dankzij de regelmaat. De koffieautomaat is daarvoor een potentiële bedreiging. Als ik een wantrouwende, dictatoriaal aangelegde chef was, zou ik een nieuwe automaat laten ontwerpen, met onzichtbaar ingebouwde camera, microfoon en geluidsbandje. Als je op welke knop dan ook drukt, wordt het hele zaakje in werking gesteld. Het zou me trouwens niet verbazen als zo’n verborgen faciliteit al bestaat. Voorzichtig met koffie drukken!

Het best beschreven is de rol van het toeval in de roman van Nabokov, Laughter in the Dark. Het horloge van de held, Albinus, is op hol geslagen, loopt twee uur voor. De extra tijd gebruikt hij om naar de bioscoop te gaan. Dat is de fatale wending. Ik ga niet vertellen hoe het afloopt.