Regel auteursrecht zoals op de radio

De stokoude auteurswet kraakt door de komst van internet.

Gelukkig bestaat er een prima alternatief: het radiomodel.

Dit jaar neemt de Tweede Kamer een besluit over het auteursrecht. Dat is hard nodig, want de digitale snelweg heeft het auteursrecht op een kruispunt gebracht. Door de opkomst van internet volstaat de auteurswet uit 1912 niet meer. Met als resultaat dat een eeuw verder iedereen ontevreden is.

Makers van muziek en films lopen auteursgeld mis, omdat hun werk online wordt gebruikt zonder toestemming of betaling. Ook uitgevers, platenmaatschappijen en de filmindustrie zien hun inkomsten uit verworven auteursrechten verdampen en pleiten voor strengere handhaving op internet. Terwijl internetters juist klagen dat er onvoldoende mogelijkheden zijn om tegen eerlijke betaling te kunnen genieten van muziek of films.

Het wordt tijd dat er iets gebeurt. Dat vindt het kabinet ook dus kwam staatssecretaris Teeven van Justitie het afgelopen jaar met voorstellen. Centraal daarin staat de keuze voor een verbod op downloaden uit evident illegale bron. In ruil daarvoor wil het kabinet een einde maken aan de thuiskopieheffing op de dragers van een kopie voor eigen gebruik.

Hoewel gebruiken zonder te betalen ook op internet broodroof is en digitale dataopslag de plek van ouderwetse cassettes, cd’s en dvd’s inderdaad overneemt, zal deze uitruil niet tot tevredenheid leiden.

Zo criminaliseert een downloadverbod individuele internetgebruikers, die bij een foute download direct geconfronteerd kunnen worden met juridische procedures en civiele claims. Ook druist het controleren van datastromen door internet serviceproviders in tegen het door de Tweede Kamer in de telecomwet vastgelegde principe van een open en vrij internet.

Minstens zo belangrijk is dat dit omstreden middel het doel van meer inkomsten voor muziek- en filmmakers niet dient. Een verbod wil zowel het aantal gebruikers als het aanbod verkleinen waardoor de kans op meer inkomsten afneemt. De vraag is wie daar belang bij heeft.

In feite zien pleitbezorgers van een verbod het internet als gevaar en gaan zij voorbij aan de mogelijkheden om makers en gebruikers direct met elkaar te laten zakendoen.

Het is dan ook niet voor niets dat de roep om een downloadverbod vooral komt van platenbazen, filmproducenten en uitgevers. Zij maakten altijd de dienst uit, want wie zijn werk aan de man wilde brengen was op deze tussenpersonen aangewezen. Tot het internettijdperk aanbrak en hun vanzelfsprekende machtspositie erodeerde.

Hoe moeilijk een veranderende wereld soms ook is, in plaats van de eenzijdige roep om handhaving zal de film- en muziekindustrie met de tijd mee moeten door nieuwe distributiesystemen juist te stimuleren.

Omdat in de Tweede Kamer geen meerderheid is voor een downloadverbod, moet ook staatssecretaris Teeven een andere weg inslaan. Een goed alternatief voor het beperken van illegaal aanbod is inzetten op nieuwe verdienmodellen die het legale aanbod vergroten. En laat de offline wereld nu toevallig een systeem hebben dat zich prima leent voor internet: het radiomodel.

Wie op de radio, in een kroeg, winkel of sportkantine muziek afspeelt, moet daar toestemming voor krijgen en de rechthebbenden een vergoeding betalen. Omdat het ondoenlijk is om dit per individueel liedje te organiseren, hebben collectieve beheersorganisaties de wettelijke taak om dit voor auteurs, componisten, muzikanten, uitgevers en platenmaatschappijen te doen. Vervelende incidenten bij Buma/Stemra ten spijt is dit een goed functionerend systeem.

Helaas is ooit besloten dit radiomodel niet op internet te gebruiken en te kiezen voor individuele exploitatie op basis van verbodsrechten, die in praktijk vooral door exploitanten worden uitgeoefend. Wie een digitale on demand-dienst wil opzetten, moet een deal sluiten met de individuele platenmaatschappij. Daarom is het aantal legale platforms voor muziek, maar ook voor films en televisieseries op internet zo beperkt gebleven.

De introductie van het radiomodel op internet – ook voor televisieseries en films – zou een flinke stap voorwaarts betekenen: gebruikers kunnen kiezen uit meer legaal aanbod, wat de inkomsten voor makers vergroot. Intussen moet de thuiskopieregeling voor cd’s en dvd’s niet worden geschrapt, maar juist uitgebreid worden naar eigentijdse exponenten als de iPod en de smartphone. Zodat de gebruiker het recht houdt op een kopie voor eigen gebruik terwijl makers wel een gerechtvaardigde vergoeding ontvangen.

Langs deze weg krijgt het eeuwfeest van de auteurswet uit 1912 voor zowel auteurs, artiesten als consumenten een feestelijk tintje.

Kees Verhoeven is Tweede Kamerlid voor D66. Erwin Angad-Gaur is secretaris en directeur van de Ntb, vakbond voor musici, componisten en acteurs.