Die 16 miljoen scriptiebegeleiders zijneen bliksemafleider

De ‘fascismescriptie’ legt een onzinnig verband tussen fascisme en de PVV.

De kwestie is een prettig verzetje voor historici, maar leidt af van de echte issues.

Student Henk Bovekerk van de Universiteit Tilburg krijgt een 10 voor een bachelorscriptie waarin hij betoogt dat de PVV fascistisch is. Ophef natuurlijk, gevolgd door een verwijzing naar Diederik Stapel (‘wie gelooft er überhaupt nog wat ze in Tilburg zeggen?’), dan nog een tweet van Geert en de historici hebben weer een prachtig akkefietje om een leuk stukje over te schrijven.

Wilders’ verontwaardiging is op zijn zachtst gezegd opmerkelijk, want zelf schuwt hij de term ‘fascisme’ niet als het om de moslims gaat. De islam zou een ‘fascistische ideologie’ zijn en de moslims ‘shariafascisten’.

De historische basis van dit schelden over en weer is in ieder geval flinterdun. Het fascisme was een specifieke ideologie die zich voordeed in Italië, Duitsland, Spanje en Portugal vanaf de jaren twintig van de twintigste eeuw. Er zullen altijd parallellen te vinden zijn tussen het fascisme en de politieke stromingen van vandaag de dag. Maar het is de vraag of die vergelijkingen ook hout snijden.

Rob Riemen (de intellectuele held in de scriptie van Bovekerk) benadrukt altijd dat hij de PVV niet met de uitkomst, maar met de opkomst van het fascisme wil vergelijken. Maar dan klopt het nog niet. De term ‘fascisme’ is afkomstig van de in 1919 door Mussolini opgerichte groepering Fasci di Combattimento. Knokploegen. Ook in andere landen was het fascisme van meet af aan een gewelddadige beweging. Het Duitse fascisme ging zelfs veel verder. Het probleem met bijvoorbeeld de Hitlervergelijking is dat Hitler helemaal niet los is te zien van zijn uiteindelijke daden. Er is weleens betoogd dat als de Führer in 1938 van het keukentrapje was gevallen hij herinnerd zou worden als een van de grootste staatsmannen van de twintigste eeuw. Maar dat is hem nu juist: hij is niet van het keukentrapje gevallen.

Als Riemen zegt dat hij slechts geïnteresseerd is in de opkomst van het fascisme, suggereert hij wel degelijk dat de PVV-beweging kan ontaarden in een moslimgenocide. In een interview met NRC Handelsblad pareerde Riemen deze kritiek met de stelling dat ‘als je het pas fascistisch noemt als het geweld gebruikt’ het te laat is. Maar dat is een truc om de oorlogsmisdaden van de nazi’s op de PVV te projecteren. Het is best begrijpelijk dat Wilders zich gedemoniseerd voelt door zulke vergelijkingen. Dat hij zelf ook demoniseert, met minstens zo platte fascismevergelijkingen, maakt zijn verweer wel kleinzielig, maar niet onwaar.

Onze voortdurende koppeling van Hitler, fascisme en genocide wordt veroorzaakt door een essentiële eigenschap van ons denken over vroeger. Wij zien de geschiedenis als een teleologisch proces. Telos is het Griekse woord voor ‘doel’. Teleologisch denken is het ‘lezen’ van latere gevolgen in eerdere gebeurtenissen. Alsof het altijd al mis moest gaan met Hitler en een gruwelijk lot hem behoedde voor een fatale val van het keukentrapje. Historici zijn het er over eens dat zulke historische doelen en wetten niet bestaan. Er bestaat geen historisch masterplan. Maar dit verandert weinig aan het feit dat we in ons alledaagse denken allemaal teleologisch redeneren.

Dat betekent dus dat een historicus, die zich binnen de veilige muren van de academie bevindt, Wilders best met Hitler kan vergelijken. Hij zal de uiteindelijke daden van Hitler immers niet lezen in de opvattingen van Wilders. Maar de muren van de academie vertonen steeds meer scheuren en de scriptie van Bovekerk ligt nu op straat. In het publieke debat gaat zijn vergelijking al snel de verkeerde kant op. Daar wordt het fascisme gekoppeld aan massamoord en genocide. Riemen zegt hierover dat woorden moeten worden gebruikt naar hun ‘werkelijke betekenis’. Dat is naïef. Als filosoof zou hij moeten weten dat woorden geen vaste betekenis hebben. In het publieke debat is ‘fascisme’ een scheldwoord en ‘Hitler’ de ultieme duivel. Zulke begrippen zijn niet zo handig bij het formuleren van een weloverwogen standpunt.

Natuurlijk zijn er behoorlijk wat overeenkomsten tussen de PVV en bijvoorbeeld de NSB. Punt is dat het Duitse fascisme veel verder ging. Het nationaal-socialisme was populisme + onbeperkte macht + grenzeloos geweld. De PVV is daar kinderspel bij. De polderfascisten mogen dan wel opruiende taal bezigen, het is ondenkbaar dat de beweging ooit tot geweld zal overgaan.

Echte fascisten hadden daar geen enkele moeite mee. Geweld was een middel om macht te verwerven. Op 10 juni 1924 werd Giacomo Mattioti, een Italiaanse socialist, vermoord door een fascistische knokploeg. Mattioti had kort daarvoor nog in het parlement betoogd dat de recente verkiezingen een farce waren geweest. Mussolini zou zich daarop hebben laten ontvallen dat Mattioti’s nabestaanden alvast zijn grafrede konden gaan schrijven. Na een onrustige periode sprak Il Duce op 3 januari 1925 dat ‘het geweld zijn verantwoordelijkheid was’. Waarom? Omdat hij ‘een gewelddadig klimaat had gecreëerd’. Hij was er nog trots op ook!

Vergelijk dat eens met de discussie over Anders Breivik hier in Nederland: Wilders wist niet hoe snel hij moest twitteren dat hij het ook heel erg vond allemaal. Het verwijt dat hij een gewelddadig klimaat had gecreëerd, wees hij resoluut van de hand. Als de PVV morgen Hans Spekman zou kidnappen en vermoorden zou dat zonder twijfel het einde van de PVV betekenen.

Er is nog een reden waarom we niet al te ongerust hoeven te zijn. De fascisten hebben indertijd het vertegenwoordigende stelsel de nek omgedraaid. Al voor Hitlers machtsovername in 1933 lag het parlement overhoop door nationaal-socialistische en communistische vechtjassen die niets van de democratie moesten hebben. Daar is nu geen enkel teken van, integendeel. Wilders, die al sinds 1990 op het Binnenhof werkt, leeft voor de parlementaire politiek. Akkoord, hij is geen pragmatische polderaar. En hij koestert inderdaad een hele boel hysterische waanbeelden. De kern van het fascisme, geweld, is echter totaal afwezig in zijn ideologie.

Laten we het dus niet groter maken dan het is. Een 10 was zwaar overdreven, maar ik heb sterk het idee dat dit soort ophef eigenlijk voortkomt uit een gebrek aan beter. Deze akkefietjes zijn prettige bliksemafleiders voor de VVD en het CDA, die ondertussen het echte werk van sociale verschraling doen. Ik wil weleens van Rob Riemen horen wat we daaraan moeten doen. Dat zou dan weer een prima onderwerp voor een masterscriptie zijn.

Rutger Bregman is historicus.