Blauwvintonijn

Afgelopen week was het nut van de duurzame visserij even in het geding. De specialisten buitelden over elkaar heen om de zin van het MSC keurmerk, het Marine Stewardship Council dat duurzaam gevangen vis van een label voorziet, te betwisten. Ondertussen zijn er ook vormen van viskwekerij waaraan MSC haar goedkeuring hecht. Op de Wine Professional beurs stuitte ik op een stuk van een blauwvintonijn, die bij de lijst van bedreigde diersoorten doorgaans op de eerste plaats staat. Het ging om een tonijn die de Middellandse Zee in had willen zwemmen, maar via een nettensysteem in een kwekerij terecht kwam, een zogenaamde visfarm. Aldaar belanden ze net als kweekzalmen in een kooi waar ze per dag twintig ton vis geserveerd krijgen.


Het hele verhaal wordt verteld door de importeur van deze vis, die zo’n tachtig euro de kilo moet opbrengen. Of, en zoja hoe slecht deze methode is kun je een boom over opzetten. Gezien de hoeveelheden vis die aan de tonijnen gevoerd wordt om ze vet te mesten, zal MSC niet staan te applaudiseren, al zullen de voorstanders tegenwerpen dat daarvan een groot deel door een wilde tonijn ook al verorberd zou zijn. Zeker is dat deze tonijntrek van gigantische vissen in het verleden integraal ingeblikt werd, kuitdragend of niet. Dus in die zin is het in elk geval sprake van een verbetering. In Duitsland ontstond al een tonijntwist over het onderwerp, waarna de WDR televisie met een specialist poolshoogte ging nemen te Gibraltar. Dat verslag is hier te zien.