Hansie-Hansie wilde best meewerken

Ongeveer een jaar geleden leerde ik Iwan Tol, sportjournalist bij De Pers, kennen. We zaten in hetzelfde hotel in het Turkse Belek, waar veel Nederlandse voetbalclubs overwinterden. Met een groepje interviewden we AZ-trainer Gertjan Verbeek, die onthulde ‘twee gezichten’ te hebben: er was een Gert en er was een Jan en je wist nooit wie

Ongeveer een jaar geleden leerde ik Iwan Tol, sportjournalist bij De Pers, kennen. We zaten in hetzelfde hotel in het Turkse Belek, waar veel Nederlandse voetbalclubs overwinterden. Met een groepje interviewden we AZ-trainer Gertjan Verbeek, die onthulde ‘twee gezichten’ te hebben: er was een Gert en er was een Jan en je wist nooit wie je tegenover je kreeg.

Iwan zei toen: „Ik vind je heel erg ‘Jan’ vandaag, klopt dat?”

„Nee”, zei Verbeek. „Ik voel me Gert.”

Typisch een ‘Jan’-antwoord, vond Iwan.

Die Iwan Tol trok een jaar op met ex-profvoetballer en trainer Hans Kraay jr., sinds optredens bij het programma Voetbal International ook bekend als ‘Hansie-Hansie’.

Ik sprak Hansie-Hansie twee keer. De eerste keer was tijdens het WK voetbal van 2006 in Duitsland. Frits Barend en Henk van Dorp zonden uit vanuit het dorp Titisee, hij was uitgenodigd. Ik trof hem vlak voor de opnames. Hij was op eigen verzoek heel bruin geschminkt en werd begeleid door een blond meisje met weinig kleren om het lijf. Hij maakte toen tien keer dezelfde grap, iets met ‘Titi’.

„Hee”, zei hij toen ik passeerde.

Ik had hem nog nooit gesproken, maar zei ook ‘hee’.

Hans zei: „Waar ben je ook alweer van?”

„Nergens van”, zei ik. „Ja, vandaag van Nieuwe Revu.”

„Van die rubriek, hè?”, zei Hans.

„Nee”, zei ik.

„Ja, van die rubriek”, zei Hans. „Ik wil best meewerken, maar je belt altijd ongunstig. Het komt nooit uit.”

„Euh…”, zei ik, „ik heb je nooit gebeld.”

„Ligt aan het tijdstip”, zei Hans. „Volgende keer doe ik mee.”

Een paar jaar later speelde Vitesse voor de KNVB-beker tegen Lienden, waar Hans trainer was. Hans won en nodigde alle aanwezige journalisten na de wedstrijd uit in de kleedkamer, waar hij voorop liep in de polonaise. Hij goot een fles champagne over zijn hoofd en raakte ontroerd door zijn eigen woorden. Hij sloeg een arm om me heen en begon over onze telefoongesprekken en dat ik het allemaal verkeerd voorspeld had.

Voor de duidelijkheid: ik had hem nooit gebeld.

Ik zei dat ik het ‘Kafka’ vond, maar die kende hij niet.

Over het leven van die Hans Kraay jr. verschijnt binnenkort het boek: Hans Kraay jr., achter de kleedkamerdeur. Geschreven door Iwan Tol. Alleen al vanwege citaten als „Ik was net een paard dat te lang op stal had gestaan en een mik haver in zijn bek kreeg” de moeite waard.

Renske de Greef is tot 16 januari met vakantie. Marcel van Roosmalen vervangt haar dagelijks op deze pagina.