Ecologen willen 'walvisaandelen'

Wat is een walvis waard? Een dwergvinvis moet ongeveer 10.000 euro opbrengen, een Gewone vinvis 65.000 euro. Dat schatten drie Amerikaanse ecologen althans. Vandaag betogen zij in een opinieartikel in het wetenschappelijke tijdschrift Nature dat vrije marktwerking de walvis kan redden. Walvisvaarders zouden walvisrechten moeten kopen en verhandelen, net zoals bedrijven nu emissierechten verhandelen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen.

De wetenschappers hopen dat hun voorstel de impasse doorbreekt die is ontstaan in het internationale walvisdebat. Ondanks het moratorium op de walvisjacht worden jaarlijks nog altijd 2.000 walvissen gevangen, waarvan 1.000 voor ‘wetenschappelijke doeleinden’. Vorig jaar onderhandelden leden van de Internationale Walvisvaart Commissie (IWC) nog over een compromis waaraan twee jaar was gewerkt: walvisvarende landen mochten doorgaan met het harpoeneren van walvissen, maar dan wel volgens quota met ruime veiligheidsmarges, die het IWC had vastgesteld. Na lang onderhandelen ging de deal niet door, omdat de Japanners in het Antarctisch reservaat wilden blijven jagen.

De ecologen hopen dat zowel voor- als tegenstanders van de walvisjacht zich kunnen vinden in de handel van walvisrechten. Ze stellen voor om minder walvisaandelen uit te geven dan het aantal walvissen dat nu wordt gevangen. En ook natuurbeschermers moeten kunnen bieden op de walvisrechten. Als zij alle aandelen zouden opkopen, zijn ook alle walvissen beschermd. Een goede investering, denken de onderzoekers. Zij schatten dat natuurorganisaties jaarlijks 25 miljoen dollar uitgeven aan protesten en campagnes. Op een vrije walvismarkt hadden zij voor vier miljoen dollar al 350 dwergvinvissen kunnen redden.

„In eerste instantie lijkt het een aantrekkelijk idee”, zegt bijzonder hoogleraar Ecologie en beheer van zeezoogdieren Peter Reijnders. Reijnders was 25 jaar lang wetenschappelijk adviseur van de Nederlandse delegatie van het IWC. „Maar er bestaat geen systeem om te controleren dat de quota ook worden nageleefd.” De vraag naar walvisvlees neemt al jaren af. Reijnders: „De walvismarkt bestaat alleen nog omdat walvisvaarders sterk gesubsidieerd worden.”

Reijnders vraagt zich af hoeveel steun er is voor de middenweg. „IJsland en Noorwegen zien de walvisjacht alscultureel erfgoed. Zij zullen nooit alles opgeven. En natuurbeschermers willen dat er überhaupt niet wordt gejaagd.”