Birma tekent bestand met de Karen

De Birmese regering heeft vanmorgen een wapenstilstand getekend met de etnische minderheid van de Karen. Daardoor lijkt een eind in zicht te komen aan dit conflict, dat al 62 jaar woedt.

Het akkoord, dat vanmorgen werd bekrachtigd door beide zijden in de plaats Pa-an in het oosten van het land, vormt een nieuwe aanwijzing dat het de Birmese regering menens is met hervormingen in het land, dat de afgelopen decennia werd geregeerd door een militaire junta.

Eerder tekende de vorig jaar aangetreden civiele regering van president Thein Sein al een overeenkomst met de Shan, een andere minderheid waarmee de regering het lang aan de stok had. Met een andere minderheid, de Kachin, is het echter nog niet zover. Deze minderheden streven naar meer autonomie. Ook oppositieleider Aung San Suu Kyi heeft aangedrongen op een vergelijk met de etnische minderheden.

De regering en de Nationale Unie van de Karen (KNU) werden het vanmorgen eens over elf punten en tekenden een akkoord, dat voorlopig in elk geval een einde maakt aan de vijandelijkheden over en weer. Beide kanten zullen nader met elkaar overleggen over een duurzame vrede.

Er zijn sinds het uitbreken van het conflict tussen de regering en de Karen in 1949 zes keer eerder vredesonderhandelingen begonnen maar die strandden uiteindelijk telkens weer.

De leider van de Karen-delegatie Saw David Htaw, noemde een dialoog met de regering vanmorgen onvermijdelijk gezien de hervormingsgezinde opstelling van de regering. „We hebben nooit eerder zoveel vertrouwen gehad in onze besprekingen”, zei hij. Hij prees de onderhandelaars om hun oprechtheid.

Door offensieven van regeringmilitairen, die verkrachtingen, martelingen en standrechtelijke executies niet schuwden, sloegen honderdduizenden Karen op de vlucht. Velen zochten een heenkomen in kampen over de grens in het buurland Thailand. (Reuters, BBC)