Straks lekker verder netwerken

Vooral recherchebureau VMB maakt indruk op Van Roosmalen en de fotograaf.

Het bespioneren en daarna ontslaan van werknemers lijkt ze heel erg van deze tijd.

Voor fotograaf Jan-Dirk en mij begon het nieuwe jaar in grote stress, wegens een slechte planning van te veel werkzaamheden op een avond. Slachtoffer hiervan: de gemeente Almere. Het kwam erop neer dat we in grote haast per Fiat Panda vanaf Amsterdam op weg waren voor een bliksembezoek aan de groeistad. Onderweg begaven de remmen het.

Voor de schouwburg had de organisatie een serie vuurkorven neergezet, waar de rokers zich verzamelden. Bij de receptie ontstond een heel gedoe over toegangskaarten. De nieuwjaarsreceptie, waar zoveel over te doen was geweest – de plaatselijke PVV boycotte het feest – was op last van de brandweer moeilijk toegankelijk. De angst bestond dat er te veel mensen in de zaal zouden zitten. Onterecht natuurlijk, zo leuk is zo’n feest ook weer niet.

Het begon met een inleidend praatje van een meneer met een bonte stropdas. Hij stelde voor om de buurman of buurvrouw in het theater een gelukkig nieuwjaar te wensen. Ik zat op stoel 1 op rij twintig en had een buurvrouw. Ze was eigenaresse van een boetiek in het winkelhart, de haren waren nog nat van het douchen. Ze had ze gewassen met Andrelon, een shampoo die ze anders nooit gebruikte. Ze vroeg om een visitekaartje.

Dat had ik niet.

„He, wat jammer, he wat jammer, he wat jammer.”

Ik: „Ja, jammer.”

De presentator: „Nu we elkaar allemaal kennen, stel ik voor om straks lekker verder te gaan met netwerken!”

Locoburgemeester Adri Duivesteijn begon aan een toespraak, die via de Arabische Lente, de dood van Vaclav Havel, de recessie in Amerika en de kredietcrisis eindigde in Almere, want daar waren we tenslotte. Almere was volgens hem ‘een belofte van licht, lucht en ruimte’. Hij sloot af met: „Almere is een deel van de wereld en de wereld is een deel van Almere”, een inzicht dat goed was voor een applaus dat lang aanhield.

Daarna werd er op een groot scherm geschakeld naar de echte burgemeester: Annemarie Jorritsma. Annemarie zat met haar hele hebben en houwen achter een bureau in Zuid-Afrika, waar ze met de hele familie haar veertigjarig huwelijk vierde. Ze had het er, zoals gebruikelijk, enorm naar de zin en zei dat ze er vrolijk op los schoten in de wildparken.

„Maar dan niet met een geweer, maar met het fototoestel!”

Verder wenste ze al haar inwoners het allerbeste, ze dacht de hele tijd aan ze.

En zo kroop de tijd voorbij.

Hoogtepunt voor Jan-Dirk en mij was de verkiezing van ‘Almeerse Onderneming van het jaar 2011’, want daarvoor waren we gekomen. De strijd ging tussen Alfen B.V. (fabrikant van onder andere transformatorstations), Dutch Thermoplastic Components (vliegtuigonderdelen) en recherchebureau VMB. De drie bedrijven werden gepresenteerd met filmpjes. Recherchebureau VMB won niet, maar maakte diepe indruk op ons.

Een kalende directeur vertelde dat ze bij VMB met belangrijke dingen bezig waren zoals het bespioneren van werknemers die net deden alsof ze ziek waren. Zieke werknemers, het was een plaag voor ondernemend Almere. Dan stonden ze soms dagen met een geblindeerd busje voor het huis van een zogenaamde zieke om belastende beeld- en geluidsopnamen te maken. „En dan blijkt wel eens dat iemand helemaal niet ziek is.”

Ook demonstreerde een van de werknemers hoe hij een mini-camera verstopte in een doos, zodat bijvoorbeeld een kassamedewerkster ongemerkt kon worden gefilmd. We zagen de man een enorm gat in een enorme doos zagen, een enorme camera in de doos stoppen en de doos opzichtig naast de kassa zetten.

„Zo”, zei hij, „dat valt niemand op.”

Last, but not least was recherchebureau VMB ook een milieuvriendelijk bedrijf.

De directeur stond naast een cv-ketel en zei: „Het klinkt misschien heel gek, maar we verwarmen de boel met warme lucht van buiten.”

Hij sloot af met: „Volgens mij voldoen wij aan alle criteria om de prijs in de wacht te slepen.”

Dat dat niet gebeurde, was een grote schande voor Almere, het bespioneren en daarna ontslaan van werknemers leek fotograaf Jan- Dirk en mij juist erg van deze tijd. Dat zouden ze bij ons ook eens moeten doen.