Koud en arm

Een groep Bosniërs transporteert kolen over een weg in de buurt van Sarajevo. Volgens de Bosnische regering is de werkloosheid in het land opgelopen tot 42 procent. Het verzamelen en verkopen van kolen op lokale markten is voor sommige verarmde Bosniërs de enige manier om de strenge winter te overleven.

Bosnië-Herzegovina bevindt zich in de ergste crisis sinds haar ontstaan, nu ruim zestien jaar geleden. Veertien maanden lang zat het land zonder regering. Er was geen officiële begroting, alle staatsuitgaven werden gedaan op provisorische basis. Moody’s veranderde de kredietstatus van het land deze zomer van stabiel in negatief. Sinds het einde van de burgeroorlog in 1995, waarbij honderdduizenden mensen omkwamen, bestaat Bosnië uit twee delen – de Servische Republiek en de Federatie van Bosnië en Herzegovina – die zijn verenigd door een centraal bestuur. Op 3 oktober vorig jaar kozen de Bosniërs een parlement. Geen enkele partij won daarin een meerderheid. Het grote struikelblok was de verdeling van de macht tussen de regio’s en de nationale regering. Pas vlak voor de jaarwisseling kwamen vertegenwoordigers van de Servische, Kroatische en islamitische gemeenschap tot een regeerakkoord. Toen werd ook een begroting goedgekeurd. Naar verwachting wordt de regering binnenkort beëdigd. Daarna hoopt Bosnië kandidaat-lid te worden van de Europese Unie.