Wacht niet tot Sint-Niklaas naar u komt

Op zondagochtend reed ik met fotograaf Elmer van der Marel richting Hooglede-Gits, een nieuwbouwdorp bij Roeselare in België. We gingen naar het Belgisch kampioenschap veldrijden, een verslag daarvan zal ik jullie besparen.

We reden Nederland uit met Radio 1. In Boedapest deden onze schaatsers het goed bij het Europees Kampioenschap.

De verslaggever ter plaatse stelde Sven Kramer de volgende vraag: „Appeltje-eitje?”

Zijn antwoord: „Op de tien kilometer vol d’r in en dan maar zien waar het schip strandt.”

Tussen het schaatsen door was er een studiogesprek met ‘sportspreker’ en volleybalcoach Joop Albeda. Hij besprak de toestand in ‘sportland Nederland’.

‘We’ stonden er internationaal goed op omdat we in Nederland mensen hadden met topsport in het DNA. Hij roemde het type Johan Cruyff, het type Louis van Gaal en het type Anton Geesink, allemaal mensen die ze in het buitenland niet hebben.

Het Radio 1 Journaal meldde dat de koningin en prinses Máxima een moskee in Abu Dhabi hadden bezocht. Ze hadden daarbij een lang gewaad en een hoofddoek gedragen, reden voor de PVV om Kamervragen te stellen.

We passeerden de grens.

Bij Antwerpen passeerden we een groep motorrijders van MC Griezels, op Studio Brussel werd om de tien minuten gewaarschuwd voor een loslopende hond op de ringweg. Er werd gevraagd uit te kijken en indien nodig te claxonneren. Langs de weg levensgrote reclameborden met teksten die bleven hangen.

‘Bob panikeert niet als hij blauwe lichtjes ziet.’

En bij de afslag Sint-Niklaas: ‘Wacht niet tot Sint-Niklaas naar u komt, ga zelf naar Sint-Niklaas.’

Rondom Kruibeke stonden blauwe caravans waar met gele verf op stond dat er binnenkort weer ‘een straffe tietjesfuif’ was. Het had iets aandoenlijks.

De benzinepomp bij Oebeke was door de Vlaamse overheid uitgeroepen tot ‘driesterrenparking’, een hoge onderscheiding die onder andere stond voor gegarandeerd schone toiletten ‘met toiletpapier’.

Er was daar ook een automaat met gratis lucht en water.

Een kleinburger uit Nederland pompte er lucht in de banden van zijn Volkswagen. Hij zei dat zoiets bij onze pompen minimaal vijftig cent kostte. Een bevestiging voor wat we na een half uur al zeker wisten: Belgen waren leuker.

Ik ging naar die gegarandeerd schone wc’s.

‘Oef!’ had iemand namens de Vlaamse overheid op een bord naast de toiletdeur laten drukken. ‘Een schoon toilet en toiletpapier! Opgelucht?’ Er stond in kleine letters bij dat ambtenaren met zeer grote regelmaat inspecties uitvoerden. Kwaliteit gegarandeerd.

De bril was net gepoetst.

Er was toiletpapier in overvloed.

En op de muren stonden tekeningen. Van joden die aan galgen hingen en van hakenkruizen.

Marcel van Roosmalen