Ireen Wüst gedijt niet in de buitenlucht... dat zit volgens de coach in haar genen

Martina Sáblíková won de EK allround met overmacht; Ireen Wüst werd derde. In Boedapest had Wüst opnieuw veel moeite met schaatsen in de buitenlucht. „Ik kan mezelf niks verwijten.”

Ireen Wüst haalde opgelucht adem toen de lichten gisteren uitgingen in het waterkoude Stadspark van Boedapest. Op de schaatskalender staan voorlopig geen openluchttoernooien meer ingepland. Volgende maand zal ze genieten van het windstille Krylatskoye-stadion van Moskou (WK allround), in 2013 rijdt ze in de beschutte omgeving van Thialf (EK) en het Noorse Vikingskipet (WK).

Het blijft een ongelukkige combinatie, de schaatsster Ireen Wüst en de buitenlucht. De afgelopen vijf jaar reed de Brabantse drie keer een EK onder de blote hemel. Collalbo (2007 en 2011) en Boedapest (2012) leverden fraaie plaatjes op, dat vond ze zelf ook. Maar de kille cijfers wijzen uit dat ze liever binnen blijft. En telkens heet de vrouw die haar vloert Martina Sáblíková.

Gistermiddag, onder de hoge muren van stadsslot Vajdahunyad, vierde de frêle Tsjechische haar derde Europese titel op rij. Het verschil met Wüst, die ook nog de Duitse Claudia Pechstein voor zich moest dulden, was nog nooit zo groot, mede dankzij een fenomenale 5.000 meter van Sáblíková. „Ik voelde me goed, ik ben fit, ik ben in vorm, ik ben sterk. Maar toch ben ik derde”, sprak ze. „Ik kan mezelf niks verwijten.”

Niet sneeuw of regen vormden de rode draad in het vrouwentoernooi, zoals vooraf was gevreesd, maar de wind. Die beukte in vlagen op de kruising, met continu wisselende snelheden. Wüst had er verschillende keren pech mee. Tijdens haar 1.500 meter trok de wind plotseling zo hard aan, dat een klok van de tijdwaarneming, pal naast de baan, een slag draaide. Wüst dacht alles goed te doen, reed haar directe tegenstander Pechstein op grote achterstand, maar bleek toch drie seconden te hebben verloren op Sáblíková. Daarmee was het toernooi beslist.

„Alles verliep volgens plan”, zei Wüst naderhand vol ongeloof. „Ik dacht dat die tijd op het bord van Pechstein was, maar het bleek mijn eigen tijd te zijn.” Maar Wüst wilde niet de Hongaarse bries de schuld geven. „Er is al zoveel gezegd over buitenijs. Het is een mooi toernooi, het decor was prachtig. Laten we wel wezen: wind of geen wind, Sáblíková is gewoon de terechte winnares. Zij doet net alsof er helemaal geen wind is. Daar heb ik heel veel respect voor. Op een of andere manier lukt het mij niet.”

Ook haar coach Gerard Kemkers zag geen enkele reden kritisch te zijn. „Ik vind dat we er goed voor staan, hoe vreemd dat ook mag klinken met zo’n achterstand. Ik twijfel er geen seconde aan dat ze goed in haar vel zit. Maar Ireen is kwetsbaar in deze omstandigheden.”

Maar ook de coach wenste de wind niet als schuldige aan te wijzen. „Sáblíková had vrijdagavond op de 3.000 meter veruit de meeste windvlagen van iedereen. Als je dan zo’n uitmuntende race rijdt, ben je van grote klasse.”

De verschillen tussen Sáblíková en Wüst op buitenijs zijn fysiologisch te verklaren, zegt Kemkers. „Het zijn verschillende spierceltypes, dat is genetisch bepaald. Sáblíková kan inspelen op de omstandigheden. Als we binnen rijden kan zij in het tweede deel van haar race versnellen. Als Martina stilvalt door de wind, kan zij terugschakelen en weer op gang komen. Ireen zit anders in elkaar. Zij vindt die energie niet.”

Toch vindt Wüst het te makkelijk zichzelf af te schrijven als openluchtschaatsster. „Dit toernooi was weer heel anders dan de twee EK’s in Collalbo. Daar speelde de wind bijna geen rol. In 2007 reed ik een dijk van een toernooi, tot aan de vijf kilometer. Vorig jaar verprutste ik in Collalbo mijn 500 meter.”

De intrigerende tweestrijd tussen beide allrounders begon in 2007, toen Sáblíková in Collalbo totaal onverwacht veertien seconden goedmaakte op de uitgebluste Nederlandse. Sindsdien won Wüst twee wereldtitels en één EK, Sáblíková werd tweemaal wereldkampioen en staat nu op vier Europese titels.

Tijdens de negen titeltoernooien sinds 2007 wisten alleen Paulien van Deutekom (WK 2008) en de Duitse Pechstein (EK 2009) tussenbeiden te komen.

Maar de successen van de pupil van Petr Novák zijn niet alleen toe te schrijven aan de buitenlucht. De stayer was op overdekte banen ook al drie keer sterker dan Wüst.

Dat Sáblíková dit weekeinde in Boedapest zo genadeloos uithaalde, heeft volgens Wüst geen consequenties voor de rest van het seizoen. „Ik weet zeker dat de puzzelstukjes tijdens de WK in Moskou weer in elkaar vallen.”

Dat verwacht ook Sáblíková, bescheiden als ze is. „Ik ben blij dat ik hier heb gewonnen. Maar ik ben in Moskou zeker geen favoriet.”

Beide vrouwen kennen hun klassiekers. Want in 2007, een maandje na haar dramatische verlies in Arena Ritten in het Italiaanse Collalbo, won Wüst op glorieuze wijze haar eerste wereldtitel – in de behaaglijke ambiance van Thialf.